Inzicht uit interview met Mirre van Dam

Ontdek de waardevolle inzichten van Mirre van Dam, essentieel voor ons innovatieproject over sociale verbinding. Lees zijn complete transcriptie en begrijp de diepgang van zijn perspectieven.

De stem van Mirre van Dam

Deze sectie bevat de complete transcriptie van het interview met Mirre van Dam. Haar perspectieven en ideeën zijn cruciaal voor de verdere ontwikkeling van ons innovatieproject. Neem de tijd om zijn antwoorden zorgvuldig te lezen en de waarde ervan voor ons onderzoek te begrijpen. Dit interview is met name relevant voor Mirre van Dam.

Belangrijkste inzichten uit het interview

Mirre ziet sociale isolatie vooral ontstaan wanneer studie of werk te veel ruimte inneemt en er geen goede balans meer is met vrienden en ontspanning. Het gaat volgens haar dus minder om drukte zelf, en meer om het wegvallen van sociale prioriteiten.

Ook gedrag en persoonlijkheid spelen een rol. Sommige mensen maken makkelijker contact dan anderen, waardoor sociale verbinding bij de één vanzelf gaat en bij de ander meer moeite kost. Ze benadrukt dat sociale isolatie niet altijd zo wordt ervaren door de persoon zelf, maar vooral zichtbaar is voor de buitenwereld wanneer iemand minder aanwezig is of afspraken afzegt.

Als signalen noemt ze vooral verandering in routine en terugtrekgedrag. Oplossingen moeten volgens haar laagdrempelig zijn en niet geforceerd voelen. Activiteiten zoals teamsport werken goed omdat contact daar vanzelf ontstaat. Sociale media kan helpen, maar ook vervangen als het verkeerd gebruikt wordt.

Uiteindelijk draait het volgens Mirre om balans, kleine stappen en situaties waarin mensen op een natuurlijke manier samenkomen zonder druk.

Volledige transcriptie van het interview

Interviewer:

Hallo, vandaag ga ik mijn derde interview doen voor het vak Waardencreatie. Het is vandaag 1 maart 2026, ongeveer half acht. Op een zondag.

Zou jij je allereerst even willen voorstellen? Hoe oud ben je? Doe je iets van school? Werk je? Je naam? Ook heel belangrijk. 

Mirre:

Ik ben Mirre, ik ben 20 jaar. Ik studeer rechtsgeleerdheid aan de Universiteit Utrecht.

En ik werk bij een fruit- en groentewinkel op de zaterdag. Ik sport veel. Ik vind het leuk om met vrienden af te spreken.

Interviewer:

Leuk, interessant. Welk jaar zit je nu? 

Mirre:

De derde jaar van mijn bachelor. Dus in principe ga ik bijna afstuderen op mijn bachelor. En dan doe ik er nog een master achteraan. 

Interviewer:

Oké, dat heb je best snel gedaan.

Als je 20 bent en dan al helemaal op lijn klaar. 

Mirre:

Zeker.

Interviewer:

Dat is niet gek.

Jij hebt eigenlijk al een klein beetje verteld over jezelf. Hoe ziet jouw gemiddelde week eruit? En dan als je niet kijkt naar vakantie, maar gewoon echt gemiddelde weken. 

Mirre:

Bij mijn studie zijn er niet zoveel contacturen.

Dus ik ben voornamelijk thuis aan het studeren. En omdat het wel een 40 uur studie is, gewoon vol tijd. Probeer ik dat ook wel een beetje aan te houden.

Het wordt vaak niet 40 uur, maar het komt wel aardig in de buurt denk ik. Ik heb ongeveer 6 contacturen in de week. En die contacturen zijn aan werkgroep en hoorcolleges.

 

 

Interviewer:

Daar moet je dus op school zijn? 

Mirre:

Ja, daar ga ik dan heen. En ik heb eigenlijk op elke dag wel één les. Dus ik ben bijna elke dag, wel op maandag, in deze periode in Utrecht.

En na die lessen, die duren dan iets van 2 uurtjes, iets korter. Dan ga ik gewoon weer naar huis. Ik studeer dus gewoon de hele week thuis voornamelijk.

Dat is eigenlijk wat ik dan de hele dag doe. En s ‘avonds ga ik eigenlijk altijd sporten. En af en toe doordeweeks naar vrienden nog.

En op het weekend werk ik dan. Oké. Ja, dat.

Interviewer:

Leuk, interessant. Dus je bent heel druk met je opleiding. Kost dat heel veel tijd, dat je daarnaast minder tijd hebt voor andere dingen? Of kan je dat redelijk combineren? 

Mirre:

Ja, ik kan het op zich wel combineren. Het kost mij wel veel tijd, omdat ik er ook gewoon mijn best voor wil doen. En dan moet je er tijd in steken.

Maar ik zorg er wel voor. Het heeft een grote prioriteit, maar mijn vrienden en mijn familie en andere hobby's, zeg maar, die hebben ook prioriteit. En dus moet je daar tijd voor maken.

Dan maak ik daar tijd voor, omdat ik dat ook wil. 

Interviewer:

Oké, dan maak je dan dus wel echt tijd voor. Wat je zegt. Daar maak ik dan ook wel een soort van die tijd voor. Dat is goed, denk ik. Ja, jij hebt er al wel een klein beetje over verteld natuurlijk, hoe je leven eruitziet. Dat je met vrienden afspreekt, sport.

Dan was mijn vraag eigenlijk hoe je sociale leven er momenteel uitziet. Wil ik eigenlijk al gelijk wat mee koppelen. Als jij sport bijvoorbeeld, doe je dat dan in je eentje? Of doe je dat samen met iemand? 

Mirre:

Ik sport meestal in mijn eentje.

Ik loop hard en ik ga naar de sportschool. Dus dat zijn natuurlijk een beetje sporten die je alleen doet vaak. Nou ga ik naar de sportschool wel eens.

Nou ja, met jou. En dan gaan we in ieder geval samen. Af en toe trainen we ook samen, maar we zijn in ieder geval samen.

En ik train wel eens dan met vrienden. Maar ik vind het zelf ook wel heel lekker om alleen te trainen. Dus voornamelijk dat.

Interviewer:

Zijn dat dan vrienden die jij echt alleen ziet met het sporten? Of zie je die ook naast het sporten als echt vrienden? 

Mirre:

Ja, ik zie die ook naast het sporten. Ja, dat zijn dan wel vrienden. Oké.

En hoe vaak heb je contact? Nee sorry, ik ga nog heel veel terug. We hebben het nu over sporten gehad. En voor de rest, hoe ziet je sociale leven eruit? 

Mirre:

Nou in het weekend, vrijdag, zaterdagavond.

Dan ben ik eigenlijk bijna altijd wel met vrienden. Dus dan gaan we gewoon lekker met z'n allen ergens zitten. Of terras op.

Nou ja, in ieder geval iets samendoen.

Interviewer:

Nou mooi. Hoe vaak heb je dan contact met anderen? Met vrienden, met klasgenoten, met familie of andere personen die je niet zo goed kent? Dus hoe vaak heb je daar contact mee? En dan mag je kijken naar offline en online. Dus hoe vaak zie je die mensen? Hoe vaak spreek je ze via de telefoon met een appje? 

Mirre:

Gewoon alle mensen, zeg maar, die ik spreek.

Interviewer:

Ja, en hoe vaak heb je dan contact met gewoon mensen waar je... Met anderen dus, letterlijk. 

Mirre:

Ja, dus in principe ook met gewoon mijn beste vrienden, zeg maar.

Interviewer:

Ja, allemaal. 

Mirre:

Wil je een getal of wil je een... 

Interviewer:

Nee, vertel er wat over. 

Mirre:

Nou, ik moet zeggen... Even kijken of ik dat dan goed zeg.

Ja, online. Ik ben niet zo'n hele goeie apper, snapper, niets. Nee.

Interviewer:

Wat voor apps zou je gebruiken dan nu voor contact? Offline? Of online bedoel ik, sorry. Ja, ik moest ook even denken. Ja, WhatsApp en Insta? Instagram.

Mirre:

Instagram, sorry. Ja, en Snapchat gebruik ik eigenlijk niet. Nee, dus contact hou ik via WhatsApp en Instagram. Ja, en bellen. Maar dat doe ik dus niet zo heel veel, omdat op zich... Ik ben altijd bereikt, zeg maar. Alleen ik ben niet zo'n hele goeie contactonderhouder op bijvoorbeeld WhatsApp. Als in, ik ga niet hele gesprekken met je voeren op WhatsApp. Want ik vind dat fijner om dat offline te doen, zeg maar. Dus ik heb liever dan dat ik met iemand afspreek, dus online. “Zullen wij wat leuks gaan doen?” En dat ik dan iemand echt goed spreek in het echt.

Mirre:

En als je het op die manier dan bekijkt, zie ik dus vooral mensen in het weekend. Maar ik studeer natuurlijk ook, dus ik zie klasgenoten ook gewoon door de weeks. Ja. En mijn familie zie ik natuurlijk ook gewoon elke dag.

Interviewer:

Je woont wel nog thuis.

Mirre:

Ja, dus die zie ik gewoon elke dag. Dus ja, logischerwijze. En ja, dat is dat eigenlijk. Oké.

Interviewer:

En heb jij dan... Spreek je dan altijd met dezelfde vrienden af? Of heb je wel meerdere verschillende vriendengroepen, vrienden waar je afspreekt?

Mirre:

Ja, ik heb een vrij grote vriendengroep. Waarin ik een, nou ja, wel selectief clubje vaker spreek. En waarin nog een klein groepje zit, wat echt zeg maar mijn beste vrienden zijn. En die probeer ik eigenlijk altijd, zeg maar elk weekend in ieder geval één keer te zien. Ja. Vaak worden het er twee zelfs. Dat zijn gewoon mijn beste vrienden. En daarbuiten nog wat, nou ja, nog wat meer goede vrienden, zeg maar. Maar ik zit wel vooral in mijn, nou ja, Woudenbergse bubbel, zeg maar.

Interviewer:

Ja, want je woont in Woudenberg.

Mirre:

Ja.

Interviewer:

Dus... Woudenberg is een stad, dorp?

Mirre:

Nee, ja, een dorp. En dat maakt het natuurlijk ook, ik ken deze mensen al heel lang. Dus daar ben ik dan ook het liefst. Ja.

Interviewer:

Is ook zo. Oké. Je vertelde net wat over die vrienden. En dat je eigenlijk een beperkt clubje hebt. En daar nog een beperkter clubje van. Dat zijn eigenlijk je beste vrienden.

Mirre:

Ja.

Interviewer:

Zou je dat ook omschrijven met de mensen waar je het meest verbonden mee voelt? Dat hoeft niet één iemand te zijn, dat mogen ook meerdere mensen zijn. Maar zijn dat dan die echt beste vrienden, of zijn dat weer hele andere mensen?

Mirre:

Waar ik me echt het meest mee verbonden voel, zijn wel inderdaad die beste vrienden, maar ook wel mijn gezin, zeg maar. Dus mijn ouders en m’n broertje en zusje. Ja. Ja. Ik denk ook omdat ik die mensen dus het beste ken. En dus daarom het meest verbonden mee voel ik. Ja.

Interviewer:

Ja, dat kan ik me best voorstellen. Hoe lang ken je die vrienden ongeveer al?

Mirre:

Oeh, de meeste, ik denk hoor, ik denk al wel vijftien, zestien jaar. De meeste, misschien af en toe iets korter, twaalf jaar of zo. Dat is al best een tijdje. Ja, dat is best lang. Ja.

Ja. Soms is dat ook best wel lekker eigenlijk. Nee ja, ik vind dat, ik kan dat dus heel erg waarderen nu.

Maar het komt ook weleens voor dat je, dat er dus een langere tijd bijvoorbeeld. Nou, bijvoorbeeld in een vakantie. Dat minder mensen er zijn, want je bent op vakantie.

En dat je dan echt denkt van ja, ik moet dit doen, want iedereen doet dat. Maar straks vinden mensen dan, nou ja. Dus dat is best wel een ding.

Daar merk ik het dan bij mezelf aan. 

Interviewer:

Dat is best wel iets wat, hoe moet je dat zeggen? Wat voor jou daar wel voor kan meespelen. Ik denk dat dat ontstaat, die sociale isolatie. Omdat je kijkt naar wat anderen daarvan vinden.

Mirre:

Ja, misschien wel ja. Terwijl dat het helemaal niet, voor mezelf misschien helemaal niet voelt als een sociale isolatie.

Interviewer:

Nee. Misschien op een bepaalde manier. Wat denk je dat andere mensen dat wel zouden kunnen zien dan?

Mirre:

Ik denk het niet eigenlijk.

Interviewer:

Maar dan ben je dus meer bang dat andere mensen dat denken.

Mirre:

Ja, misschien wel ja. Maar ik had daar dus, zoals ik al zei, van het moment wat ik net noemde. Waarin ik dan kan bedenken dat ik het meest sociaal geïsoleerd was in mijn leven. Ik weet zelfs bijna zeker dat ik daar geen last van had toen. Toen dacht ik, dat lijkt me toch wel prima. En misschien hoort dat dan ook gewoon zo. Maar dat is dan wel waar ik het aan zou merken. Ja.

Interviewer:

En je vertelde net eigenlijk al dat je best wel heel erg druk bent met school. Daarnaast kan je wel veel afspreken met vrienden. Of nog steeds wel afspreken met vrienden en sporten. Heeft dat jij zo veel bezig bent met school, eigenlijk de hele week, is dat voor jou ook een soort van oorzaak dat sociale isolatie kan ontstaan? Of dat je dat nu stiekem toch wel hebt? Zonder dat je dat heel erg door hebt? Of niet wil toegeven, dat kan natuurlijk ook.

Mirre:

Dat is zeker een oorzaak. Ik denk dat ik wel kan stellen dat ik dat nu niet heb. Alleen omdat ik gewoon mijn vrienden echt wel veel zie. Zoals ik al zei, twee of drie keer in de week wel. Dat vind ik vrij gewoon genoeg. Dat is gewoon mijn balans, denk ik. Maar inderdaad, ik denk dat het daardoor kan ontstaan. Omdat als jij heel druk bent met school alleen maar. En dus denkt van: ik moet alleen maar bezig zijn met studie. Want er zijn heel veel redenen om daar natuurlijk heel veel mee bezig te zijn. Dan is er minder tijd voor vrienden. En als jij die prioriteit daar ook dus niet hebt, om welke reden dan ook. En die prioriteit dus nog meer bij je studie ligt. Dat ook bijvoorbeeld je avonden of je weekenden daar naartoe gaan. Dan ontstaat absoluut sociale isolatie. Ik kan me voorstellen dat als je niet een beetje dat inbakent van: ik zit wel veel in mijn studie, maar ik heb meer andere dingen dan alleen dat. Dan kan ik me voorstellen dat je daardoor dus sociaal geïsoleerd wordt. Of raakt.

Interviewer:

Ja, dat kan ik me ook wel voorstellen inderdaad. Zeg dan wat jij zegt. Zijn er volgens jou nog andere oorzaken waardoor sociale isolatie kan ontstaan? Als jij bijvoorbeeld, zou gedrag hier een bepaalde rol in kunnen spelen?

Mirre:

Ja, ik denk als jij niet... Nou ja, ik denk als jij bijvoorbeeld voor heel veel mensen in ieder geval een onaardig karakter hebt of zo. Of juist helemaal niet sociaal bent. In de zin van bijvoorbeeld heel stil bent. Of heel erg introvert bijvoorbeeld. Wat helemaal niet iets negatiefs is. Want ja, ik denk dat echte vrienden daar wel doorheen prikken. Maar als jij nieuwe vrienden wil maken bijvoorbeeld. En dat is dan bijvoorbeeld veel lastiger. Dan kan ik me voorstellen dat jouw gedrag dus invloed heeft op jouw sociale verbinding.

Interviewer:

Ja. Ja, dat denk ik zeker. Dat kan ik me ook wel voorstellen. Ja, zeker heb je er absoluut gelijk in, denk ik. Nu hebben we het veel over jou gehad. En hoe jij zoiets hebt meegemaakt. Wat zijn voor jou signalen dat iemand, of jijzelf, dat kan natuurlijk ook, sociaal geïsoleerd raakt? Dus kan je dat zien aan dat het gedrag van iemand verandert. Misschien zijn motivatie, misschien je eigen motivatie voor school dat dat verandert. Of je zelfbeeld. Dat hoort natuurlijk ook heel vaak dat mensen een negatief zelfbeeld hebben. Zou dat ook meespelen? Of signalen. Welke signalen zou ik kunnen herkennen bij andere mensen?

Mirre:

Ja, of bij jezelf mag ook. Als ik bijvoorbeeld kijk vanuit mezelf naar andere mensen. Wat je zou kunnen zien, denk ik. Stel, je zag iemand heel vaak. En elke keer als je vroeg: zullen we afspreken? “Ja, doen we.” Weet je wel, je ziet iemand heel vaak. Dat is altijd hetzelfde geweest. Altijd gezellig. Ja, het kan natuurlijk zijn dat je een keer niet kan. Maar in principe wil je elkaar altijd dan wel zien.

Interviewer:

Beetje routine.

Mirre:

Ja, of dat je dat bijvoorbeeld dan in een groep hebt. En op een gegeven moment is er één iemand die dan elke keer niet meer komt. Terwijl de anderen wel allemaal blijven gaan. Nou ja, daaraan kan je sowieso al de fysieke afwezigheid van iemand merken. Dat iemand misschien sociaal geïsoleerd raakt.

Interviewer:

Ja, dat was inderdaad net mijn vraag. Fysiek, wat je net zei. Een gevolg van sociale isolatie. Fysiek is dat je dat fysiek kan zien aan iemand. Dat is natuurlijk ook wel een heel groot signaal.

Mirre:

Ja, dat denk ik wel ja. Dat hoort natuurlijk een beetje bij het veranderen van het gedrag. Zeker, maar bijvoorbeeld ook inderdaad een negatief zelfbeeld. Dat is absoluut... Kijk, dat kan je natuurlijk van de buitenkant niet zo goed zien vaak. Maar dat is... Nou ja, daarom heb je het ook zelfbeeld. Maar inderdaad, dat kan je voor jezelf natuurlijk wel invullen. Als je een negatief zelfbeeld hebt, dan ga je waarschijnlijk... Ja, als je je over jezelf al niet goed voelt... Dan heb je er waarschijnlijk minder zin om naar die vrienden toe te gaan. Want je gaat dan gewoon niet lekker in je vel zitten. Dan heb je daar geen zin in. Dus dat is ook zeker een aspect dat kan bijdragen eraan, denk ik.

Interviewer:

Dat denk ik ook. Een signaal. En je motivatie voor school bijvoorbeeld. Voor sporten, wat jij natuurlijk veel doet. Stel... Bijvoorbeeld, jij sport elke week vier keer. Hoe vaak sport je per week?

Mirre:

Vijf, zes, zeven keer.

Interviewer:

Ja, dan zetten we hem op vijf keer bijvoorbeeld. Stel, jij sport dan dus elke week vijf keer. En vanuit het niets ga je eigenlijk of helemaal niet meer of één keer, twee keer sporten in een week. Dan verandert je motivatie voor het sporten. Zou dat een signaal kunnen afgeven dat iemand sociaal geïsoleerd is? Of zeg je ervan, in mijn ogen is dat niet per se zo.

Mirre:

Nee, maar als je dus minder naar de sportschool gaat, dan misschien verschuift dan... Het zou natuurlijk kunnen dat je dus sociaal geïsoleerd wordt. Oh ja, want dat is misschien ook nog wel een ding. Want ik ga dus naar de sportschool. Want als je dus een teamsport doet, is het denk ik al anders.

Interviewer:

Dat denk ik ook.

Mirre:

Maar als je dus uitgaat van de sportschool, zeg maar. Stel, je gaat in plaats van dus vijf keer, twee keer in de week. Het zou dan natuurlijk ook kunnen dat je dus jouw prioriteiten verschuift van sporten naar vrienden. Of naar andere mensen. Waardoor het juist minder misschien sociale isolatie oplevert. Maar inderdaad, het kan natuurlijk ook de andere kant op. Dat je dus inderdaad wel minder gaat, omdat je gewoon geen mensen wil zien. Of zoiets.

Interviewer:

Nee, dus het heeft eigenlijk twee kanten.

Mirre:

Ja, je kan het twee kanten op redeneren, denk ik.

Interviewer:

Ja, en dat is wel leuk. Ik zag dat vandaag voorbijkomen. Je hebt nu met voetbal een soort van actie bezig voor de mentale gezondheid van mannen. En dat die daar ook over mogen praten. Nu ga ik het natuurlijk niet alleen over mannen hebben, want het is gewoon mannen, vrouwen, allebei. Maar denk je dat er gewoon mentale gevolgen zitten aan sociale isolatie?

Mirre:

Ja, zeker. Voor jou of voor anderen, het maakt niet zoveel uit. Ik weet het zelf bijna zeker. Ik heb er geen onderzoek naar gedaan, maar je ziet dat gewoon als jij... Ik denk dat gewoon überhaupt menselijk contact, in de zin van dat jij mensen ziet, dat je überhaupt andere mensen spreekt. Je hoeft iemand helemaal niet te kennen, maar het feit dat jij interactie hebt met mensen, denk ik dat dat heel belangrijk is voor je mentale welzijn. Want als je dus sociaal geïsoleerd raakt en bijna geen mensen ziet, ik denk dat dat voor je sociale vaardigheden weinig doet. En misschien ook wel, als jij dus ergens meezit, dat zou dan bijvoorbeeld kunnen zijn waar we het net over hadden, als je daar dan dus ook niet met andere mensen over praat, dan denk ik ook niet dat het daardoor beter wordt. En daarom denk ik zeker dat sociale isolatie dus ook invloed heeft op die manier.

Interviewer:

Ja, dat denk ik ook. En op je fysieke gezondheid ook?

Mirre:

Uiteindelijk wel, denk ik. Ja, daar hadden we het net al een klein beetje over natuurlijk. Ik denk ook omdat het samenwerkt met alle fysieke dingen. Ja, dat werkt op die manier samen, lijkt mij.

Interviewer:

Ja, en zou dat qua werk, ja, op school, zou dat daar ook invloed op hebben, dus als je sociaal geïsoleerd bent? Of dat invloed heeft op je werk of school? Ja, en op je prestaties daar eigenlijk op je werk en op school.

Mirre:

Ligt eraan waar je tijd dan aan besteedt als jij dus sociaal geïsoleerd bent. Ik weet niet zo goed hoe dat dan is, als in ben je dan... Het klinkt gewoon heel vervelend soort van, wat het misschien ook wel is, maar misschien, ja, misschien dat sommige mensen dat wel heel fijn vinden, en dan dus juist heel veel tijd besteden aan... Ja.

Interviewer:
Dat is best wel iets wat, hoe moet je dat zeggen? Wat voor jou daar wel voor kan meespelen. Ik denk dat dat ontstaat, die sociale isolatie. Omdat je kijkt naar wat anderen daarvan vinden.

Mirre:

Ja, misschien wel ja. Terwijl dat het helemaal niet, voor mezelf misschien helemaal niet voelt als een sociale isolatie.

Interviewer
Nee. Misschien op een bepaalde manier. Wat denk je dat andere mensen dat wel zouden kunnen zien dan?

Interviewer:

Ik denk het niet eigenlijk. Maar dan ben je dus meer bang voordat andere mensen dat denken.
Mirre:

Ja, misschien wel ja. Maar ik had daar dus, zoals ik al zei. Van het moment wat ik net noemde. Waarin ik dan kan bedenken dat ik het meest sociaal geïsoleerd was in mijn leven. Ik weet zelfs bijna zeker dat ik daar geen last van had.

Toen. Toen dacht ik, dat lijkt me toch wel prima. En misschien is dat ook, ja. Misschien hoort dat dan ook gewoon zo. Maar dat is dan wel waar ik het aan zou merken.

Interviewer:
Ja. En je vertelde net eigenlijk al dat je best wel heel erg druk bent met school. Daarnaast kan je wel veel afspreken met vrienden. Of nog steeds wel afspreken met vrienden en sporten. Heeft dat jij zo veel bezig bent met school, eigenlijk de hele week, is dat voor jou ook een soort van oorzaak dat sociale isolatie kan ontstaan? Of dat je dat nu stiekem toch wel hebt? Zonder dat je dat heel erg door hebt?

Mirre:

Dat is zeker een oorzaak.

Interviewer:
Of niet wil toegeven, dat kan natuurlijk ook.

Mirre:

Ik denk dat ik wel kan stellen dat ik dat nu niet heb. Alleen omdat ik gewoon mijn vrienden echt wel veel zie. Zoals ik al zei, twee of drie keer in de week wel. Dat vind ik vrij, gewoon genoeg. Dat is gewoon mijn behoefte, denk ik.

Maar inderdaad, ik denk inderdaad dat het daardoor kan ontstaan. Omdat als jij heel druk bent met school alleen maar. En dus denkt van, ik moet alleen maar bezig zijn met studie. Want er zijn heel veel redenen om daar natuurlijk heel veel mee bezig te zijn. Dan is er minder tijd voor vrienden. En als jij die prioriteit daar ook dus niet hebt, om welke reden dan ook. En die prioriteit dus nog meer bij je studie ligt. Dat ook bijvoorbeeld je avonden of je weekenden daar naartoe gaan. Dan ontstaat absoluut sociale isolatie.

Ik kan me voorstellen dat als je niet een beetje dat inbakent van: ik zit wel veel in mijn studie, maar ik heb meer andere dingen dan alleen dat. Dan kan ik me voorstellen dat je daardoor dus sociaal geïsoleerd wordt. Of raakt.

Interviewer:
Ja, dat kan ik me ook wel voorstellen inderdaad.
Zijn er volgens jou nog andere oorzaken waardoor sociale isolatie kan ontstaan? Als jij bijvoorbeeld, zou gedrag hier een bepaalde rol in kunnen spelen?

Mirre:

Ja, ik denk als jij niet... Nou ja, ik denk als jij bijvoorbeeld voor heel veel mensen in ieder geval een onaardig karakter hebt of zo. Of juist helemaal niet sociaal bent. In de zin van bijvoorbeeld heel stil bent. Of heel erg introvert bijvoorbeeld. Wat helemaal niet iets negatiefs is. Want ja, ik denk dat echte vrienden daar wel doorheen prikken. Maar als jij nieuwe vrienden wil maken bijvoorbeeld. En dat is dan bijvoorbeeld veel lastiger. Dan kan ik me voorstellen dat jouw gedrag dus invloed heeft op jouw sociale verbinding.

 

 

Interviewer:

Ja, dat denk ik zeker.
Dat kan ik me ook wel voorstellen. Ja, zeker heb je er absoluut gelijk in, denk ik. Nu hebben we het veel over jou gehad. En hoe jij zoiets hebt meegemaakt. Wat zijn voor jou signalen dat iemand, of jijzelf, dat kan natuurlijk ook, sociaal geïsoleerd raakt? Dus kan je dat zien aan dat het gedrag van iemand verandert. Misschien zijn motivatie, misschien je eigen motivatie voor school dat dat verandert. Of je zelfbeeld. Dat hoort natuurlijk ook heel vaak dat mensen een negatief zelfbeeld hebben. Zou dat ook meespelen? Of signalen. Ja, welke signalen zou ik kunnen herkennen bij andere mensen?

Ja, of bij jezelf mag ook.

Mirre:

Ja. Als ik bijvoorbeeld kijk vanuit mezelf naar andere mensen. Wat je zou kunnen zien, denk ik. Stel, je zag iemand heel vaak. En elke keer zijn ze gevraagd: zullen we afspreken? Ja, doen we. Weet je wel, je ziet iemand heel vaak. Dat is altijd hetzelfde geweest. Altijd gezellig. Ja, het kan natuurlijk zijn dat je een keer niet kan. Maar in principe wil je elkaar altijd dan wel zien.

Interviewer:
Beetje routine.

Mirre:

Ja, of dat je dat bijvoorbeeld in een groep hebt. En op een gegeven moment is er één iemand die dan elke keer niet meer komt. Terwijl het bij de anderen wel allemaal blijft gaan. Nou ja, daaraan kan je sowieso al de fysieke afwezigheid van iemand merken. Dat iemand misschien sociaal geïsoleerd raakt.

Interviewer:
Ja, dat was inderdaad net mijn vraag. Fysiek, wat je net zei. Een gevolg van sociale isolatie. Fysiek is dat je dat fysiek kan zien aan iemand. Dat is natuurlijk ook wel een heel groot signaal.

Mirre:

Ja, dat denk ik wel ja. Dat hoort natuurlijk een beetje bij het veranderen van gedrag. Zeker. Maar bijvoorbeeld ook inderdaad een negatief zelfbeeld. Dat is absoluut... Kijk, dat kan je natuurlijk van de buitenkant niet zo goed zien. Vaak. Maar dat is... Nou ja, daarom heb je het ook zelfbeeld.

Interviewer:
Ja, goed, dat heb je heel goed.

Mirre:

Maar inderdaad. Nou ja, dat kan je voor jezelf natuurlijk wel invullen. Als je een negatief zelfbeeld hebt, dan ga je waarschijnlijk... Ja, als je je over jezelf al niet goed voelt... Dan heb je er waarschijnlijk minder zin om naar die vrienden toe te gaan. Want je gaat dan gewoon niet lekker in je vel zitten.

Interviewer:
Nee. Dan heb je daar geen zin in.

Mirre:

Dus dat is ook zeker een aspect dat kan bijdragen eraan, denk ik.

Interviewer:
Dat denk ik ook. Een signaal. En je motivatie voor school bijvoorbeeld. Voor sporten, wat jij natuurlijk veel doet.
Stel... Bijvoorbeeld, jij sport elke week vier keer. Hoe vaak sport je per week?

Mirre:

Vijf, zes, zeven keer.

Interviewer:
Ja, dan zetten we hem op vijf keer bijvoorbeeld. Stel, jij sport dan dus elke week vijf keer. En vanuit het niets ga je eigenlijk of helemaal niet meer of één keer, twee keer sporten in een week. Oké. Dan verandert je motivatie voor het sporten.
Zou dat een signaal kunnen afgeven dat iemand sociaal geïsoleerd is? Of zeg je ervan, in mijn ogen is dat niet per se zo.

Dat je dus... Of dat je motivatie verbetert, dat kan natuurlijk ook.

Mirre:

Nee, maar als je dus minder naar de sportschool gaat, dan misschien verschuift dan... Het zou natuurlijk kunnen dat je dus sociaal geïsoleerd wordt.

Oh ja, want dat is misschien ook nog wel een ding. Want ik ga dus naar de sportschool. Want als je dus een teamsport doet, is het denk ik al anders.

Interviewer:
Dat denk ik ook.

Mirre:

Maar als je dus uitgaat van de sportschool, zeg maar. Stel, je gaat in plaats van dus vijf keer, twee keer in de week. Het zou dan natuurlijk ook kunnen dat je dus jouw prioriteiten verschuiven van sporten naar vrienden. Of naar andere mensen. Waardoor het juist minder misschien sociale isolatie oplevert.

Maar inderdaad, het kan natuurlijk ook de andere kant op. Dat je dus inderdaad wel minder gaat, omdat je gewoon geen mensen wil zien. Of zoiets.

Interviewer:
Nee, dus het heeft eigenlijk twee kanten.

Mirre:

Ja, je kan het twee kanten op redeneren, denk ik.

Interviewer:
Ja. Ja, en dat is wel leuk. Ik zag dat vandaag voorbijkomen. Je hebt nu met voetbal een soort van actie bezig voor de mentale gezondheid van mannen. En dat die daar ook over mogen praten. Nu ga ik het natuurlijk niet alleen over mannen hebben, want het is gewoon mannen, vrouwen, allebei. Maar denk je dat er gewoon mentale gevolgen zitten aan sociale isolatie?

Mirre:

Ja, zeker.

Interviewer:
Voor jou of voor anderen, het maakt niet zoveel uit.

Mirre:

Ik weet het zelf bijna zeker. Ik heb er geen onderzoek naar gedaan, maar je ziet dat gewoon als jij... Ik denk dat gewoon überhaupt menselijk contact, in de zin van dat jij mensen ziet, dat je überhaupt andere mensen spreekt. Je hoeft iemand helemaal niet te kennen, maar het feit dat jij interactie hebt met mensen, denk ik dat dat heel belangrijk is voor je mentale welzijn.

Want als je dus sociaal geïsoleerd raakt en bijna geen mensen ziet, ik denk dat dat voor je sociale vaardigheden weinig doet. En misschien ook wel, als jij dus ergens meezit, dat zou dan bijvoorbeeld tussen jou kunnen zitten, waar we het net over hadden. Als je daar dan dus ook niet met andere mensen over praat, dan denk ik ook niet dat het daardoor beter wordt. En daarom denk ik zeker dat sociale isolatie dus ook invloed heeft op die manier.

Interviewer:
Ja, dat denk ik ook. En op je fysieke gezondheid ook?

Mirre:

Uiteindelijk wel, denk ik.

Interviewer:
Ja, daar hadden we het net al een klein beetje over natuurlijk.

Mirre:

Ja, ik denk ook omdat het samenwerkt met alle fysieke... Ja, met alle fysieke aspecten. Samenwerkt op die manier, lijkt mij.

Interviewer:
Ja, en zou dat qua werk, ja, op school, zou dat daar ook invloed op hebben, dus als je sociaal geïsoleerd bent? Of dat invloed heeft op je werk of school?

Mirre:

Ja, en op je prestaties daar eigenlijk op je werk en op school.

Ligt eraan waar je tijd dan aan besteedt als jij dus sociaal geïsoleerd bent. Ik weet niet zo goed hoe dat dan is. Als in, ben je dan... Het klinkt gewoon heel vervelend soort van. Wat het...

 

Zoiets of zo nog wat. Maar ik denk gewoon dat je misschien sociaal geïsoleerd, dat je er niet... Het lijkt mij dat je er niet vrolijker van wordt, en dat het dus niet ten goede komt van jouw prestaties. Nee.

Omdat je op je werk natuurlijk ook gewoon bijvoorbeeld moet presteren. 

En sindsdien eigenlijk ben ik weer daar te vinden. En de actie die ik dan verder heb gezet is gewoon blijven komen.

En ook dat contact zelf dan dus zoeken. Ja, dat doe je dan wel echt inderdaad, zelf contact zoeken. Ja, nou heb ik wel een hele groep van lieve vrienden, waardoor ik ook gewoon mag komen, zeg maar.

Maar uiteindelijk moet je er zelf gaan staan. En zelf gaan zij helemaal anders. Nogmaals, niemand gaat het voor je doen.

Interviewer:

Nee, dat is wel een actie die je zelf gaat meenemen. Maar je bent dus wel meegevraagd door iemand. Ja.

Dus dan komen we eigenlijk al heel snel richting de volgende vraag. Wanneer zou je dus wel makkelijk in actie kunnen komen? Eigenlijk alles hebben we al een beetje genoemd. Dus als het onderdeel is van je routine.

Dus als het een soort van elke week wordt. Als het heel laagdrempelig is, dat vertelde je net. Dat kan dan online zijn.

Dat is sowieso laagdrempelig. Dus dat is een goede eerste stap. En als iemand je uitnodigt.

Gewoon zeggen. En dat is dan ook laagdrempelig in principe. Als iemand zegt, ga je mee? Ja, dan heb je dus eigenlijk al, als ik het goed begrijp, zeg je dus eigenlijk dat iemand dan al jou heeft meevraagd.

En je alleen maar ja hoeft te zeggen. Ja, waardoor de drempel nog veel lager is. Dus jij hebt het, hoe noemen we dat, de bal in de eigen hand? 

Mirre:

Ja, ik snap wat je bedoelt. Nou ja, in principe soort van wel. Maar ik denk ook.

Wat wou ik nou zeggen? Ik wilde eerder zeggen, maar ik weet het even niet meer. Ja, als iemand je meevraagt is dat zijn eigen keuze. Dat het dan gewoon veel makkelijker is.

Misschien is dat ook dan eigenlijk wat sommige mensen wat meer. Ja, dat wou ik zeggen. Het is een soort van bevestiging dat mensen je willen zien.

Waardoor het veel makkelijker is. Dus daar ben ik dan ook heel dankbaar voor. Want dan, ja, natuurlijk gaat het dan ook makkelijker.

Omdat, net was het natuurlijk, mensen willen me dan wel zien. Maar als mensen al zeggen, ik wil jou zien. Dan is de drempel dus heel laag.

Interviewer:

Ja, dan is het een stuk makkelijker. Ja, dus als mensen je meevragen, is het zeker makkelijker. Dat snap ik wel, ja.

Even kijken, ja. Dan hebben we het eigenlijk nu inderdaad gehad over die sociale verbinding. Daarvoor hebben we het gehad over sociale isolatie.

En eigenlijk wil ik nu wat meer inzoomen op de oplossingen. En dan heb ik straks nog een heel klein voorbeeld voor jou. Waar je dan even over mag nadenken en je eigen mening over mag geven.

Maar allereerst, je hebt natuurlijk al heel veel oplossingen die sociale verbinding versterken. Sociale isolatie voorkomen dus. Welke manieren ken jij zelf om sociale isolatie te verminderen? Je zei net dat je dan naar de sportschool gaat, maar je hebt niet echt een teamsport gedaan.

Kan je je erin vinden dat dat op sportclubs, teamverband of geen teamverband, wel heel erg een hele goede oplossing kan zijn? 

Mirre:

Zeker, honderd procent. Ja, natuurlijk.

Interviewer:
Als jij een teamsport doet, dan geef je daarvoor op. Dus je neemt eigenlijk zelf wel actie?

Mirre:
Dat wel, maar je hoeft niet zelf op... Eigenlijk is dat ook vrij... Nou, niet laagdrempelig, want je moet ervoor betalen en zo. Maar je hoeft je alleen aan te melden en dan word jij in het team geplaatst. Dus je hoeft niet zelf te zeggen van... zelf naar iemand toe te stappen om een soort van vrienden te worden of zo, weet je wel. Je wordt daar gewoon geplaatst tussen elkaar ook. Hoeveel is dat? Twee, drie keer in de week dus. Als je echt zo'n teamsport als voetbal of zo doet. Ja, dat is zeker een manier. En dat het routine weer is. En dat je dus een soort laagdrempelige manier al een soort verplicht contact hebt, omdat je gewoon in het team wordt gezet.

Interviewer:
Ja, dat denk ik ook. Een team vormen. Dat geeft ook verbinding, denk ik.

Mirre:
Ja, dat denk ik ook.

Interviewer:
En als we dan toch even gaan kijken naar het laagdrempelige. Je hebt natuurlijk heel veel apps die je sociaal contact wel... Hoe noem je dat? Stimuleren, als het ware. Dus bijvoorbeeld, je hebt Snapchat, WhatsApp, dat soort dingen. Maar ook TikTok, Instagram, waarbij je filmpjes kan doorsturen naar elkaar. Heeft dat echt een hele grote rol? Of denk je van, dat zit er een beetje bij. Het is niet per se dat dat sociale isolatie kan oplossen.

Mirre:
Ik denk dat het kan oplossen. Maar ik denk ook dat het er veel sterker van maakt. Eigenlijk. Ja, allebei. Ik weet niet of je dat nu al wil horen, maar... Ik denk dat er dus weer twee kanten aan zitten. Omdat je... Kijk, stel je bent sociaal geïsoleerd. Dan is, denk ik, sociale media een hele laagdrempelige manier dus... Ook mensen die je helemaal niet kent. Dat kan allemaal heel laagdrempelig, want je hoeft elkaar in principe niet te zien. Als het geen Snapchat is.

Maar de andere kant is natuurlijk dat het... Doordat al die sociale media er zijn, kan je juist ook heel erg zelf geïsoleerd raken. Omdat je dus elkaar niet hoeft te zien. Maar ook omdat bijvoorbeeld Instagram niet alleen maar een chatfunctie is. Dus dat je andere mensen spreekt, maar ook gewoon... TikTok is een beetje hetzelfde idee. Een soort doomscroll-idee. Waardoor je vermaak hebt zonder mensen te zien, soort van. Waardoor je dus heel erg alleen maar dat gaat doen. En dat is ook een vorm van vermaak, maar dat is niet sociaal vermaak, zeg maar. Dus dan heet het wel zo, maar... Nou ja, het hoort bij elkaar een beetje. Dat is het anders niet.

Het kan allebei, soort van. Het is maar net hoe je dat dan aanpakt, denk ik. Hoe je er gebruik van maakt van die sociale media.

Interviewer:
Ja, dat is eigenlijk iets wat ik wel een belangrijk stukje vind. Om dat te vragen, te onderzoeken. Je kan natuurlijk inderdaad via verschillende apps... kan je sociaal contact beïnvloeden. Dan kan je dus mensen appen. Mensen appen je terug. Heb je contact met elkaar. Dat is dan online. Denk jij voor jezelf... als ik iemand twee keer in de week gesproken heb via WhatsApp bijvoorbeeld... dan hoef ik diegene niet per se op een vrijdag of zaterdag te zien. Heb jij dat of is dat helemaal niet zo? Dus dan is eigenlijk wat jij zegt... is dat WhatsApp dan echt een soort van extra dingetje erbij is.

Mirre:
WhatsApp is voor mij inderdaad... Ja, zakelijk contact zou ik niet willen zeggen. Het is gewoon voor mij echt... Ik gebruik het liever gewoon echt als een soort afspraken maken-app. Ik vraag natuurlijk ook weleens mensen van, hoe is het met je? Maar dat is voor mij absoluut extra. Want ik zie die mensen het liefst dan gewoon dezelfde week of vrijdag. Dus inderdaad, bijvoorbeeld op vrijdag. En dan kun je het anders vragen. Gewoon in het echt.

Ja, WhatsApp is voor mij altijd een beetje even inchecken, maar niet... Sommige mensen zijn er heel goed in. Ik ben niet zo goed in het online appen.

Interviewer:
Nou ja, dat is ook voor iedereen anders, denk ik.

Mirre:
Dat denk ik zeker. Ja, ligt er ook een beetje aan hoe je daarmee bent opgegroeid, denk ik.

Interviewer:
Ja, welke generatie.

Mirre:
Ja, welke generatie, sowieso. Ja, voor een deel wel, denk ik. Ja, zeker.

Interviewer:
Wat zou voor jou... Want we hebben net een beetje gekeken naar welke oplossingen er voor jou zijn die er bestaan. Wat zou voor jou een oplossing absoluut niet moeten hebben of niet moeten doen? Waarvan je denkt, dat gaat echt niet werken. Of niet per se erger, maar... Gaat het niet oplossen? De sociale isolatie dan, dat gaat het dus niet oplossen.

Mirre:
Ja, dat snap ik. Ja, wat het niet gaat oplossen is... Het is een beetje een simpel antwoord, denk ik, wordt het nu. Maar dat is dat je dus geen actie onderneemt. Dus jezelf... Ja, of wegcijfert van: mensen hoeven mij helemaal niet te zien. Of jezelf heel zielig gaat vinden. Want daar, kijk, ik snap het wel, maar je lost er alleen niks mee op. Want mensen kunnen niet anders ruiken, zeg maar.

Interviewer:
Dat klopt.

Mirre:
Ja, en door alleen maar bijvoorbeeld te blijven doen... En je weet... Gaat daar je sociale interactie met mensen niks veranderen.

Interviewer:
Nee. Ja, dat is eigenlijk een hele simpele... Tegenover hetzelfde van natuurlijk gewoon de stap zetten. Is eigenlijk de stap dus niet zetten.

Mirre:
Ja. En ik denk dat dat gewoon niet gaat werken. Dat je altijd dan zelf ook een stap moet zetten, hoe lastig het ook is.

Interviewer:
Ja, dat denk ik ook. Ja, en als ik dan nu iets meer ga inzoomen op een oplossing die echt bedacht moet worden. Dat kan van alles zijn. Maar bijvoorbeeld activiteiten die georganiseerd worden door een gemeente, een wijkgroep, iets in die richting. Wat zo'n oplossing dan absoluut niet zou moeten hebben volgens jou. Wat zou dat dan zijn?

Mirre:
Ja... Ik denk dat dat gewoon een goed idee is. Zeg maar... Omdat er dan dus derden in de... Derden in de... Nou ja... Hoe noem je dat? In de cirkel zitten, zeg maar. Die dan het ook voor jou regelen. Is dus weer dat laagdrempelige.

Wat je daardoor niet zou moeten doen... Ja, dingen organiseren waar je in principe geen mensen voor nodig hebt. In de zin van... Weet ik veel, dat je gaat organiseren dat je met z'n allen naar de bios gaat. Daar hoef je in principe alsnog niet met elkaar voor te spreken, zeg maar.

Interviewer:
Nee, klopt. Dus er zijn wel bepaalde activiteiten die dan kunnen.

Mirre:
Ja, dingen waar je dus moet praten met mensen, of iets moet doen met mensen. Ik denk dat je niet allemaal per se hoeft te praten, maar... Als jij een sport gaat doen bijvoorbeeld. Dus jij gaat bijvoorbeeld een potje voetballen, als je dat organiseert. Dan hoef je in principe alsnog niet te praten, maar juist doordat we dus wel samen sporten, denk ik dat je al een heel groot deel kan oplossen. Dus dat je wel echt een band kan opbouwen.

Interviewer:
Nee. Maar als jij dan bijvoorbeeld, wat jij nu zegt, zo'n voetbaltoernooitje of iets in die richting. Zou dat ook moeten betekenen dat zo'n oplossing niet commercieel moet zijn? Of niet té commercieel. Dus dat je niet aan iedereen te veel entree gaat vragen. Stel, het is elke week bijvoorbeeld. Dus het begint echt onderdeel te worden van je routine. Wat je net verteld, dat dat wel fijn is als dat zo is.

Mirre:
Zeker. Ja, ik denk dat het commercieel maken van dat soort dingen, dat het wel een hogere drempel maakt om te gaan. Maar dat is natuurlijk geheel afhankelijk van je vermogen. En hoeveel je eraan wilt uitgeven. Maar als jij al niet zo die sociale interactie zoekt, is het fijner denk ik als het bijvoorbeeld gratis is. En op die manier promoten. Want dan denk je, nou ja, baat het niet dan schaadt het niet, zeg maar.

Interviewer:
Nee.

Mirre:
Ik verlies er ook niks aan.

Interviewer:
Nee.

Mirre:
En ik denk als je het commercieel maakt, dat je dan kan denken: nou ja, ik verlies er ook nog wat aan. En als het dan ook nog niet leuk is, nou ja, dan kan ik beter niet gaan, soort van.

Interviewer:
Dus eigenlijk, als ik het nu even iets andere woorden moet zetten. Moet het dus niet te commercieel zijn. Redelijk laagdrempelig. Waardoor je dus zelf wel actie moet ondernemen, maar wel de motivatie hebt en echt wil gaan. En het moet ook niet te geforceerd zijn, dus.

Mirre:
Nee. Nee, want ik denk ook niet dat als jij iemand half gaat dwingen, soort van, ergens heen te gaan. Ik denk niet dat iemand dan denkt: nou, laat ik dat eens even doen.

Interviewer:
Nee. Dat werkt waarschijnlijk juist tegen.

Mirre:
Ja.

Interviewer:
Ja, dus we hebben eigenlijk nu al een klein beetje gekeken naar wat een oplossing dus wel aantrekkelijk kan maken. Stel met het voorbeeld wat ik net gaf. Zou het kunnen helpen als het gewoon in kleine stapjes, dus heel laagdrempelig sowieso. Maar als er bijvoorbeeld ook iets van persoonlijke begeleiding zou zijn. Of zou je zeggen van, als je dat hebt, dan wordt het een soort van psycholoog waar je zit. Dat is ook niet erg, een psycholoog is ook prima natuurlijk.

Mirre:
Zeker, ik snap wat je bedoelt. Alleen ik snap wat je bedoelt, daarvoor ga je dan dus naar een psycholoog in plaats van, ja. Ik denk inderdaad wat je zegt, dat het inderdaad zo kan ogen dan. Maar dat wilde ik inderdaad er eigenlijk net nog bij zeggen. Dus hoe je dat zegt, dat ik denk dat je er gewoon de goede mensen ook wel op moet zetten. Dus het feit dat er mensen dit, nou die activiteiten vooral dan organiseren, die hier goed mee kunnen omgaan met mensen. Nou ja, ze hoeven er niet voor geleerd te hebben, maar die hier goed mee kunnen omgaan. En een beetje de passie hebben.

Interviewer:
Ja, een beetje de passie om dat te doen, zeg maar.

Mirre:
Ja, dat dat zeker ook dus drempelverlagend kan werken. Omdat je daar natuurlijk gewoon dan als persoon die daarheen komt, daar veel aan hebt denk ik. En als jij enthousiast bent als persoon, maar ook goed kan luisteren en zo. Dan helpt dat denk ik heel erg. En of dat nou per se helemaal één op één moet, weet ik niet. In die zin, persoonlijke begeleiding.

Interviewer:
Nee, het is niet dat je een persoonlijke coach hebt.

Mirre:
Nee, maar gewoon goede mensen erop zetten. Ik denk dat dat wel werkt. Maar ik zou misschien niet zo snel één op één doen, want dat kan misschien ook heel beklemmend voelen.

Interviewer:
Ja, duidelijk. Dat zijn goede oplossingen, denk ik. Dan heb ik nu, dat vertelde ik net al een klein beetje. Ik heb nu een klein concept. En dan mag jij kijken wat je daarvan vindt. Het luidt als volgt eigenlijk. Stel er zou een oplossing zijn die mensen dus helpt om kleine sociale acties te ondernemen. Die dan afgestemd zijn op hun persoonlijkheid. Zonder dat het dus heel geforceerd is. Dus laagdrempelig en niet verplicht als het ware. Wat zou je daarvan vinden? Of wat vind je daarvan? Ik lees hem heel eventjes.

Mirre:
Ja, dan mag ik hem hierbij zetten. Eigenlijk goed. Het staat natuurlijk al een beetje op wat ik net heb gezegd. Even kijken wat ik er goed aan vind. Dat afgestemd op hun persoonlijkheid. Ik denk dat dat heel goed is. Omdat in dat opzicht zou het natuurlijk goed zijn om daar wel iets meer persoonlijke begeleiding in te hebben. Maar dat afgestemd op je persoonlijkheid is denk ik goed. Omdat je dan denk ik meer gehoord en gezien voelt. Omdat het waarschijnlijk ook dingen zijn die je leuk vindt.

Interviewer:
Ja, en dan wil je misschien ook mensen kennen die hetzelfde leuk vinden.

Mirre:
Waardoor je dus, ja, dat lijkt mij een makkelijke sociale interactie. Omdat je dezelfde dingen leuk vindt en elkaar kan begrijpen. En ook dat het inderdaad niet geforceerd voelt, dat lijkt me ook een goed idee. Omdat, ik weet niet precies... Ja, dat is heel simpel te doen denk ik. Door het niet verplicht te maken, maar wel aantrekkelijk. En dat is natuurlijk het moeilijke.

Interviewer:
Moeilijk hoe je dat dan samendoet.

Mirre:
Dat is zeker waar. Om het niet te forceren, maar wel aantrekkelijk te maken. Maar het lijkt me vooral dat het heel belangrijk is dat het niet geforceerd wordt. Of voelt. Ik weet niet precies wat er bedoeld wordt met kleine sociale acties. Maar dat klinkt voor mij als een niet te grote stap nemen. Dus niet van 0 naar 100 in één keer. Maar van 0 naar 10. En van 10 naar 20. Waardoor je dus daarin kan groeien. Dus wel echt kleine stapjes. Ja, dat lijkt me goed. Tenminste, dat begrijp ik nu uit de stelling. De vraag dat die oplossing er dan dus zou kunnen zijn. Stel die is er. Dat lijkt mij een heel goed idee. Omdat je dan kan groeien daarin. En dus van 0 naar 100 komt in, nou ja, weet ik veel, een jaar in plaats van dat je van 0 naar 100 in een dag gaat. Want ik denk dat je dan alleen maar gaat... Dus dat je er echt aandacht aan besteedt. Goede aandacht.

Interviewer:
Ja, waardoor iemand echt kan groeien in plaats van op magische wijze kan veranderen. Maar eigenlijk wat je wel net zegt is dat het niet als een soort van traject moet gaan volgen.

Mirre:
Nee, dat is inderdaad het gevaar dat het op die manier gaat gebeuren. Maar ik denk als jij hebt gevonden wat past bij iemands persoonlijkheid, dan denk ik dat je daarvoor niet meerdere sessies nodig hebt.

Interviewer:
Nee.

Mirre:
Want je kan bijvoorbeeld, weet ik veel, een vragenlijstje ofzo. Of als iemand toevallig één keer is geweest. Dat je dan even vraagt: wat zijn je interesses? Weet je wel, dat soort dingen. Maar dat je dan dus gewoon elke keer dat weer aanbiedt. In plaats van daar echt een soort van: hé ik ben jouw coach en ik ga jou even meenemen om jou te laten groeien. Maar dat aanbieden waardoor je dus zelf gaat groeien. Maar wel op die manier begeleiding biedt.

Interviewer:
Ja. Door het aan te bieden.

Mirre:
Ja. En daar dus op die manier met andere mensen kan groeien.

Interviewer:
Ja. Wij moeten dan... Als je dan kijkt naar een fysiek product. Het is best wel lastig natuurlijk hoe je dat kan bedenken. Maar denk je dat als zo'n fysiek product is wat dit dan ook verbetert, denk je dat dat heel erg helpt? Of gaat helpen? Dus dat de sociale verbinding echt meer wordt?

Mirre:
Ja. Ik zit alleen even te denken wat een fysiek product dan kan zijn. Want de sociale verbinding is voor mij dan vooral dus echt dat, hoe noem je dat? Ja, dus de niet-materiële...

Interviewer:
Maar dan zou je ook aan een bordspel kunnen denken. Dat is ook een middel wat helpt bij sociale verbinding.

Mirre:
Ja, ik denk dan dus gelijk aan bijvoorbeeld social media of zo. Maar dat hoeft natuurlijk helemaal niet.

Interviewer:
Nee, dat hoeft helemaal niet.

Mirre:
Ja, dat kan helpen om het te gebruiken met meerdere mensen. Nou ja, wat ik natuurlijk zei net, een potje voetballen. In principe heb je daar een voetbal voor nodig. Een gebruiksvoorwerp om met meerdere mensen te doen. Dat kan zeker helpen omdat je dat dus met meerdere mensen doet. En ik denk dat je überhaupt dan het gevoel hebt dat je dus een connectie maakt. Ook al praat je niet. Maar ik denk dat ook de gesprekken dan vanzelf ontstaan.

Ja, en ik denk dat dat met dingen die je eigenlijk alleen doet, maar samen, als je het bijvoorbeeld

Als jij iets fysiek dan doet, gebruikt of een spelletje speelt. Dat je ook bezig bent ondertussen. Ik denk dat dat wel werkt.

Interviewer:
Oké, dan heb ik eigenlijk nog twee laatste vragen. Zou jij hiervoor willen betalen? En zou jij dan vragen: wat is voor jou de max?

Mirre:
Zou ik voor… stel het is elke week de activiteit, of het fysieke… dat hou ik in het algemeen?

Interviewer:
Ja, gewoon in het algemeen.

Mirre:
Oké. Zou je willen betalen om dit probleem op te willen lossen? Dus dat je sociale verbinding kan creëren in plaats van sociale isolatie. Dus betalen voor jezelf. Stel jij bent sociaal geïsoleerd en er komt een fysiek product op de markt dat daarbij helpt

Interviewer:
Ja, er is ooit een keer een telefoon uitgevonden. Heel mooi, prachtig ding. Het heeft natuurlijk ooit ook gezorgd dat je meer sociale verbinding hebt, zodat je met mensen kan appen, kan bellen, kan mailen. Alleen het heeft natuurlijk ook nadelen, want daardoor ga je dus meer appen, spreek je minder met mensen af, je stuurt geen kaartjes meer. Dus dat heeft ook weer nadelen. Maar ja, daar betaal je natuurlijk ook voor, voor een telefoon.

Maar zou je dus willen betalen zodat sociale verbinding echt meer wordt, zonder dat er sociale isolatie gecreëerd wordt als het ware?

En waar ligt voor jou de drempel?

 

Mirre:

Dat is een beetje lastig denk ik. Het ligt eraan wat het is. Wat het is, dat klopt.

Wat voor telefoon? Dat houd ik natuurlijk even hoog, telefoon is veel ja. Maar stel dat het echt zou helpen.

Als ik er echt heel erg mee zit en ik wil er wat aan doen, dan ligt er voor mij niet echt een drempel. Het moet wel laagdrempelig zijn, wat we net besproken hebben. Ja, dat is een beetje lastig.

Het ligt er gewoon aan wat je kan en kan uitgeven ook. Kijk, het moet geen duizend euro worden zeg maar. Maar als ik weet dat het mij gaat helpen en ik wil ook dat ik ermee geholpen word, dan mag dat ook wel iets kosten denk ik.

Wil je eraan werken. Het is een beetje hetzelfde als dat jij ziek bent en je wilt beter worden. Dan betaal je vaak of in ieder geval een deel aan het ziekenhuis.

Je moet soms gewoon betalen om beter te worden. Als je echt beter wil worden, betaal je daar ook wel voor denk ik. Dus ik zou ervoor betalen.

En al helemaal als het gewoon een groot probleem is. En als ik bijna zeker weet dat het daar heel veel beter van wordt, dan zou ik ervoor betalen.

Interviewer:
Oké, nou mooi. Dan heb ik het allerlaatste stukje nog. Als jij dan één advies zou mogen geven aan iemand die hier een oplossing voor gaat bedenken, tegen sociale isolatie, wat zou dat dan zijn?

Mirre:
Nou ja, ten eerste probeer je te achterhalen hoe mensen die sociaal geïsoleerd zijn denken. Probeer je vooral te verplaatsen in die mensen. En hierdoor kun je denk ik een oplossing vinden.

Probeer het inderdaad niet geforceerd te doen. Niet dat forceren zeg maar. Als je voor de oplossing een geldprijs wil hangen, wat op zich logisch is als je iets ontwerpt wat geld kost, probeer dat niet te hoog te maken.

Waardoor de drempel laag blijft. En anders haal geld op, dat soort dingen. Probeer in ieder geval die drempel zo laag mogelijk te houden, dat is denk ik het belangrijkste.

En reik met die oplossing ook uit naar mensen. Zorg dat het mensen bereikt, zodat mensen kunnen… nou ja, gebruiken is een beetje een negatief woord, maar zodat mensen ermee aan de slag kunnen. Zodat ze er niet niks mee doen.

Interviewer:
Nee, dat klopt. Nou, ik denk dat dat een mooi advies is. Dat waren eigenlijk al mijn vragen.

Mirre:
Jij ook bedankt. Ja, dankjewel. En dan wens ik je nog een hele fijne avond.

Interviewer:
Jij ook. Nou, top.

Maak jouw eigen website met JouwWeb