Inzicht uit interview met Bjorn Hueting
Ontdek de inzichten van Bjorn Hueting in dit interview. Deze pagina presenteert de volledige transcriptie, essentieel voor ons project.

De stem van Bjorn Hueting
Deze sectie bevat de complete transcriptie van het interview met Bjorn Hueting. Zijn perspectieven en ideeën zijn cruciaal voor de verdere ontwikkeling van ons innovatieproject. Neem de tijd om zijn antwoorden zorgvuldig te lezen en de waarde ervan voor ons onderzoek te begrijpen.
Belangrijkste inzichten uit het interview
Uit het interview met Bjorn komt naar voren dat sociale isolatie vaak ontstaat door een combinatie van levensfaseveranderingen (zoals stoppen met studie), minder dagelijks contact met leeftijdsgenoten en een afname in zelfvertrouwen. In zo’n periode kan het lastig zijn om zelf initiatief te nemen, ook al is er soms wel de wens om contact te hebben.
Bjorn benadrukt dat sociale verbinding voor hem essentieel is voor welzijn. Wanneer hij minder sociale contacten heeft, merkt hij niet alleen mentale effecten zoals minder motivatie en onzekerheid, maar ook fysieke veranderingen zoals minder aandacht voor gezondheid en uiterlijk.
Een belangrijk inzicht is dat sociale isolatie volgens hem vaak niet alleen door de persoon zelf wordt veroorzaakt, maar ook door de omgeving: als vrienden minder beschikbaar zijn of in andere levensfases zitten, wordt contact moeilijker. Ook externe factoren zoals relaties van vrienden of uiteenlopende levensstijlen spelen hierin mee.
Daarnaast geeft hij aan dat de stap naar sociaal contact vooral wordt belemmerd door onzekerheid en het niet weten hoe je initiatief moet nemen. Zodra die drempel wordt doorbroken, blijkt het vaak mee te vallen en kan er relatief snel weer een sociaal netwerk ontstaan.
Wat volgens Bjorn het beste werkt, is laagdrempelig en direct contact: gewoon mensen appen, initiatief nemen en niet te veel nadenken over mogelijke afwijzing. Hij benadrukt dat het normaal is dat niet elk contact uitgroeit tot een vriendschap, maar dat juist door blijven proberen sociale verbinding ontstaat.
Tot slot geeft hij aan dat oplossingen tegen sociale isolatie vooral moeten focussen op motivatie en laagdrempeligheid, zonder het gevoel van verplichting. Mensen moeten zelf de keuze maken om in contact te komen, maar wel op een manier die hen daarin ondersteunt.
Volledige transcriptie van het interview
Interviewer:
Een hele goede middag, het is vandaag 28 februari 2026 om bijna drie uur en ik doe vandaag mijn tweede interview samen met Björn, die tegenover mij zit. Zou je je allereerst even willen voorstellen?
Bjorn:
Goedemiddag, ik ben Björn, ik ben twintig jaar oud en ik woon in Nijkerk. School? Ik doe momenteel geen opleiding, ik wil wel weer in september naar school gaan, ik werk momenteel op een accountancierend administratiekantoor en ik sport daarnaast nog een paar keer in de week.
Ik doe wat dingen met vrienden, een beetje de standaarddingen eigenlijk.
Interviewer:
Ja, een beetje de standaarddingen, en wat voor sport doe je?
Bjorn:
Zwemmen, dat heb ik heel lang gedaan, op redelijk hoog niveau ben ik toen mee gestopt en toen miste ik het eigenlijk wel weer, terwijl ik zoiets van, nou ik vind het wel leuk om het gewoon nog één of twee keer in de week te doen, ook omdat het gewoon goed voor je is. Dus dat doe ik dan nog en heel af en toe doe ik ook nog eens hardlopen en ja, als ik daar zin in heb, dat doe ik niet op heel hoog niveau.
Interviewer:
Wel sportief toch?
Bjorn:
Ja, zeker. Dat is altijd goed.
Interviewer:
Zou je kunnen vertellen hoe jouw gemiddelde week er een beetje uitziet?
Bjorn:
Ik werk maandag tot en met donderdag dan dus bij dat administratiekantoor.
Interviewer:
Welke tijd dan?
Bjorn:
Ik begin om acht uur ochtends meestal tot half vijf, dus middags. Nou ja, dan ben ik gewoon voor klanten, ben ik administraties aan het boeken, ik ben ze aan het helpen met vragen, soms hebben we ook een overleg nog binnen tien, maar het zijn eigenlijk meestal een beetje de standaarddingen. De dagen zien er eigenlijk allemaal redelijk een beetje hetzelfde uit.
En af en toe spreek ik dan in de avond, nou ja, dan sporten doe ik dan in de avond meestal. Op maandagavond en op vrijdagochtend zwem ik dan. En dan doe ik soms om woensdag gewoon nog hardlopen.
En door de week zie ik dan ook nog wel eens vrienden in de avond, maar ja, dat wisselt een beetje, dat is niet een vaste avond ofzo dat het echt is.
Interviewer:
Dus eigenlijk ben je dus wel druk.
Bjorn:
Ja, maar ik vind het goed te doen. Ik vind niet dat ik te druk ben ofzo, het is een goede balans.
Interviewer:
Nou ja, als je het leuk vindt om lekker veel te doen, dan is het toch alleen maar goed.
Bjorn:
Ja, zeker.
Interviewer:
Nou, je hebt er net al een klein beetje over verteld, met vrienden dat je daar door de week mee weggaat en dat soort dingen.
Bjorn:
Ja, weekendthuis ook wel hoor, in het weekend ook wel. Maar het was meer door de week gezien.
Interviewer:
Ja, ik snap wat je bedoelt. Hoe zie je het sociale leven er dan een beetje uit? Dat hoeft natuurlijk niet alleen met vrienden te zijn, maar ook familie.
Bjorn:
Met familie heb ik niet per se heel veel contact. Ook omdat ze niet echt in de buurt wonen en ik heb ook niet echt nichtjes en neefjes van mijn leeftijd. Waar ik echt een goede klik mee voel.
Dus met familie, ja, ooms en tantes of mijn oma, die spreek ik weleens of die heb ik weleens mee, maar dat is niet heel intensief contact ofzo. Met mijn ouders heb ik wel gewoon een goede band, ik woon ook nog thuis, dus die zie ik elke dag en dat contact is gewoon goed. En met mijn zusje heb ik ook wel goed contact, die zit momenteel wel een beetje in de puber fase.
Interviewer:
Hoe oud is die?
Bjorn:
Zij is nu zestien en een half, van de zomer wordt ze zeventien. En dat is sowieso een pittige tante, dus die, ja, dat is nog weleens, heb ik daar nog weleens een beetje een bonje mee, maar goed, op zich over het algemeen gaat het gewoon prima.
En met vrienden, ja, ik heb wel een aantal verschillende vrienden en eigenlijk ook wel heel verschillend wat ik daarmee doe en hoe dat er precies uitziet en hoeveel contact ik daarmee heb, dat wisselt ook allemaal eigenlijk.
Interviewer:
Ja, het verschilt heel erg. Ja. Hoe vaak heb je dan contact met hen? Op een gemiddelde week een beetje.
Dan hoef je niet alleen te kijken of je ze ook echt in het echt ziet, maar ook gewoon online bijvoorbeeld op je telefoon of ja, ik weet niet wat voor app je gebruikt. Snapchat?
Bjorn:
Ja, Snapchat meestal, ja.
Interviewer:
Beetje in die richting. Hoe vaak heb je dan contact met hen?
Bjorn:
Online heb ik eigenlijk met één of twee vrienden wel echt dagelijks contact. En echt in fysiek zeg maar, dat ik met iemand echt iets ga doen. Het wisselt heel erg, maar ik heb ook weken of weekenden dat ik echt elke dag wel iets heb en elke week wel, of elke dag dan met iemand op stap ben, denk ik ook wel eens weken dat ik dan een week bijvoorbeeld even niemand zie of niemand spreek.
Dus het is wel heel wisselend, maar gemiddeld gezien denk ik dat ik wel twee keer per week wel echt met iemand afspreek, zeg maar.
Interviewer:
Nou, dat is best prima.
Bjorn:
Ja. Maar dat verschilt dan heel erg of je vakantie hebt. Dus gemiddeld gezien zou ik zeggen twee keer per week, denk ik. Drie keer misschien.
Interviewer:
Ja, nee, dat is te begrijpen. Ja. Dat vind ik al een beetje een stomme vraag, want mensen hebben over het algemeen niet per se een beste, beste vriend.
Ze willen niet de een boven de ander schuiven. Maar met wie voel je je nou echt het meest verbonden dan? Van je vrienden, familie, het maakt eigenlijk niet heel veel uit. Van iemand waar je nou echt een hele goede band mee hebt. Het hoeft er niet per se één te zijn, het mogen er ook wel iets meer zijn.
Bjorn:
Nou, met mijn moeder sowieso wel. Met mijn moeder kan ik altijd wel goed praten en daar lig ik ook altijd wel mee op één lijn.
Beter dan bijvoorbeeld met mijn vader of met mijn zusje, ja, dat vind ik eigenlijk alweer niet. Ik denk sowieso met mijn moeder wel. Ja.
Ja, met jou eigenlijk ook wel. Ja, met jou eigenlijk ook wel. Ja, ik zie jou ook wel echt als een goede vriend.
Ja, ik weet niet, een andere vriend van mij ook nog allemaal. Ja, die ken je ook wel. Daar ben ik ook wel goed mee, daar kan ik ook wel redelijk goed mee levelen.
Maar ja, ik weet niet, ik vind dat een andere band dan dat ik bijvoorbeeld met mijn moeder heb of zo, weet je wel. Dus, dat.
Interviewer:
Ja, vrienden en een moeder, dat is een heel ander gebied. Je gaat niet met je moeder drinken?
Bjorn:
Nee, precies, nee.
Met mijn moeder praat ik over veel, maar ook niet over alles. Maar ja, ik denk als ik echt naar mensen kijk waar ik, en dat vind ik heel, gewoon loyaal en vertrouwen, dat vind ik wel heel belangrijk als ik met iemand ook echt een sterke band wil opbouwen. Ja, dat zijn er niet heel veel waar ik dat, ja, dan zal ik zeggen, mijn moeder en jij denk ik, en Ramon en Sander ook.
Interviewer:
Gewoon een complex groepje. Ja. Nou, lekker. Wat betekent sociale verbinding voor jou?
Bjorn:
Ik vind het wel heel belangrijk.
Ik zou niet, ik ben sowieso ook van gezelligheid en met vrienden dingen doen, dus ik zou er niet aan moeten denken dat ik niet, ik zou me oprecht niet in het leven kunnen voorstellen dat ik geen vrienden zou hebben of geen sociale verbinding met mensen hebben, nee, dat kan me echt niet, nee. Dus voor mij is dat wel belangrijk, ja.
Interviewer:
Oké, en wanneer voel je je dan echt verbonden? Want wat het voor jou betekent, ja, het betekent heel veel voor je, maar wanneer denk je nou echt van, ja, nu ben ik echt, voel ik me echt verbonden met iemand? Is dat wel heel snel bij jou?
Ja, heb ik wel, ik heb dat wel redelijk snel met mensen.
Ik hoef daar niet, ja, ik hoef daar niet speciaal iets voor te doen of, of als ik gewoon met mijn vrienden ben en ik heb weer een gezellige avond gehad, ja, dan is het voor mij, is het alweer goed, weet je. Dus ik denk gewoon als ik met de juiste mensen om me heen ben en gewoon leuke gesprekken heb en gewoon, ja, of een spelletje doe of over iets aan het praten ben of gewoon lekker uit eten met vrienden of zo.
Interviewer:
Ja, altijd goed.
Bjorn:
Weet je, ja, dat is voor mij niet heel, niet heel bijzonder of zo. Nee.
Interviewer:
Denk je daar wel eens over na dan als je met vrienden bent? Of je je wel echt verbonden voelt daarmee of eigenlijk ook niet?
Bjorn:
Nou, ik heb wel met bepaalde vrienden dat ik merk van, oké, dat blijft wat oppervlakkiger en met sommigen ga je iets meer de diepte in.
Interviewer:
En dan voel je je meer verbonden?
Bjorn:
Daar voel ik me wel meer verbonden mee, ja, ja, dat heb ik wel. Dus ja, wat ik zeg, met sommigen is het heel oppervlakkig en dat is ook prima. Ik bedoel, ik hoef ook niet met iedereen van alles te delen, maar nee, er zijn wel bepaalde vrienden waar ik me dan inderdaad meer verbonden mee voel dan met anderen.
Interviewer:
Ja. Oké, nou mooi. Nou, we hadden het natuurlijk een beetje over sociale verbinding.
Daar staat tegenover sociale isolatie. Heb jij ooit voor jezelf een periode gehad waarin je jezelf sociaal geïsoleerd voelde?
Bjorn:
Nou ja, ik denk het wel. En ik denk dat de meeste mensen van mijn leeftijd dan snel de corona periode zouden zeggen.
Ik moet heel eerlijk zeggen dat ik dat niet per se echt zo ervaren heb. Ja, het was wel isolatie, omdat je...
Interviewer:
Toen zat je op de middelbare school?
Bjorn:
Toen zat ik op de middelbare school, inderdaad. De tweede en derde, geloof ik.
Nou ja, je was wel geïsoleerd als in, je zat veel thuis, je kon met vrienden niet echt iets doen. Maar ik moet zeggen, ik had toen ook niet een hele hechte vriendengroep waar ik echt dingen mee deed of echt heel intensief contact mee had. Dus het was voor mij in dat opzicht niet heel veel anders dan daarvoor.
Ik had wel vrienden waar ik dan nog wel eens een keertje mee aan het bellen was. Of dat we dan op snapchat, op Instagram ofzo, gingen we met elkaar bellen ofzo. Ja, dat vond ik ook al prima.
Wat ik zei, dat zei ik net ook al, ik hoef niet per se dan echt... Het is wel leuk om iemand in het echt te zien, maar als het niet kan, weet je, dan ga je gewoon denken van, hoe kun je dan nog op een of andere manier een beetje contact... Met zo'n groep heb je dan toch nog een beetje, dat je elkaar in ieder geval kan zien. Een beetje contact.
Ik denk dat ik het meer daarna had, toen ik van de middelbare school af was. En toen ik mijn eerste opleiding ben gaan doen. En die opleiding heb ik toen niet afgemaakt.
Toen ben ik een tussenjaar gaan doen. En dat was denk ik wel een jaar dat ik eigenlijk, nou ja, misschien één vriend had. Ik had toen eigenlijk met heel weinig mensen echt contact.
En ik had niet eens per se op dat moment, dat ik het... Ja, ik weet niet, ik vond het een beetje dubbel. Ik vond het, ergens vond ik het wel lastig. Omdat ik ook al mensen om me heen zag die wel gewoon een heel groot sociaal netwerk hadden.
En ik dat eigenlijk niet echt had. Dus dat vond ik wel lastig aan de ene kant. Maar ik kon ook op dat moment niet een soort van verzinnen hoe ik het dan wel moest gaan doen.
Ik wist wel dat het er was. Maar ik had zoiets van, nou weet je, we zien het wel. Ik vond het toen niet heel belangrijk zoals ik dat nu wel vind.
Ja, ergens wel. Maar ergens, ik weet niet, een beetje een lastige situatie.
Interviewer:
Nee, wat heb je... Ja, je hebt het allemaal een beetje over verteld natuurlijk.
Wat voelde je op dat moment? Het is al wat tijd geleden, dus ik snap dat je dat niet precies meer weet wat je toen gevoeld hebt. Maar zou je dat een klein beetje kunnen beschrijven, wat je daar voelde, hoe je daar op hebt gereageerd?
Bjorn:
Dat was sowieso wel een lastige periode. Want ik was sowieso weer aan het zoeken van, oké, ik was gestopt met mijn opleiding.
Ik moest een nieuwe opleiding gaan vinden. Ik wist eigenlijk niet goed wat ik daarin wilde. Dus dat vond ik heel lastig.
Ik had eigenlijk ook niet echt vrienden, echt goede vrienden op dat moment. Dus het was eigenlijk een soort van hele grote, ik vind dat zo zweverig klinken, zoektocht. Maar ja, was het eigenlijk kort gezegd...
Interviewer:
Nou, is dat van leegte die je moet invullen?
Bjorn:
Ja, maar ik wist niet hoe en ik wist niet wat.
Ik deed toen nog wel heel veel met mijn zusje dan. Dat was toen op dat moment wel... Ja, ik kon daar toen wel goed mee. Ja, nog steeds wel, maar toen wel echt even... Iets meer.
Toen iets beter. Ja, ik vond het wel lastig toen. Ik vond het wel lastig.
Ja, toch wel een beetje inzaam of zo. En dan ook niet goed weten hoe je dat dan moet gaan oplossen. Of hoe je dat moet gaan doen.
Interviewer:
Ja, nee, dat snap ik. En denk je dat door de vrienden waar je dan nog wel af en toe contact mee had, die je dan wel zag als vrienden, dat die bijvoorbeeld wel naar school gingen... Zou dat een reden kunnen zijn waardoor je een beetje zo geïsoleerd bent geraakt? Waardoor je dus met hen minder kon afspreken?
Bjorn:
Ja, zeker. Absoluut.
Ik denk dat dat zeker een hele grote factor is geweest wat daar invloed op heeft gehad. Als je op school zit heb je elke dag met leeftijdsgrote contact. Weet ik het.
En inderdaad, je ziet dan al de mensen die je dan nog spreekt om je heen, die zie je dan dat wel hebben en jij hebt dat als enige niet. En intussen werkte ik in de supermarkt. Mijn vrienden lagen met 30 graden op het strand.
En ik stond in de supermarkt. Dus ja, weet je, dat was niet leuk om dat te zien.
Interviewer:
Dus eigenlijk, als ik het goed begrijp, is het eigenlijk hoe je bent gestopt met je opleiding.
En eigenlijk doordat je gestopt bent met je opleiding, en de rest wel gewoon allemaal druk bezig was van jouw vrienden, ben je daardoor een beetje sociaal geïsoleerd geraakt. En veel met jezelf bezig geweest in plaats van contact met anderen.
Bjorn:
Ja.
Interviewer:
Heb je dat zelf wel geprobeerd, contact met hun opzoeken?
Bjorn:
Nou ja, wat ik dus zeg, eerst niet zo goed. Omdat een vriend van mij, waar ik dan toen nog wel enigszins contact mee had, die had een vriendin.
En die vriendin zei tegen hem, ik wil niet dat je met andere vrienden afspreekt. En ik wil niet dat je contact hebt. Best wel een toxic relatie eigenlijk, als je het zo mag zeggen.
Interviewer:
Zo mag je het wel zeggen. Ja.
Bjorn:
Dus daar had ik ook niet veel contact mee.
En ik had ook zoiets van, ik denk ook niet dat hij er echt behoefte aan heeft. Want hij appte mij ook nooit, van jo wil je wat doen of zo. En dat was eigenlijk ook al een hele... Ja, dat was eigenlijk nooit ook echt zo geweest of zo.
Ik kende hem van de middelbare school en we gingen dezelfde opleiding doen samen. We kwamen allebei uit Nijkerk, dus ja, dan heb je al snel... Ik kende hem wel van de middelbare school, ik kende hem al wel en we mochten elkaar wel. Maar het was nooit dat we heel intensief contact hadden. En dat toen wel meer.
Ja. Alleen hij heeft altijd, vanaf dat ik hem ken, zeg maar die vriendin gehad. Dus ja, dat is altijd een beetje een lastige situatie geweest.
Omdat hij dus altijd al behoorlijk onder de plak zat. Dus dat heeft een beetje, ja...
Interviewer:
Ja, je vult eigenlijk wel een beetje mijn volgende vraag in. Mijn volgende vraag was, wat zou volgens jou oorzaken van sociale isolatie? Nou, dat speelt voor jou ook wel een beetje tegen, zeg maar. Maar wat je net vertelde over die vriendin, dat hij een beetje onder de plak zat daar. Denk je dat dat ook een oorzaak is van sociale isolatie? Mensen die iemand anders verplichten om niet met diegene af te spreken en niet met vrienden weg te gaan. Is dat voor jou een oorzaak dat je minder contact hebt met vrienden? Maar voor hem ook. Denk je dat dat een oorzaak kan zijn?
Bjorn:
Zeker. Dat denk ik wel, ja.
Kijk, ik ben wel een persoon bij mij om veel te flikken, want ik heb daar schijt aan en ik doe gewoon wat ik zelf wil. Maar goed, ik kan me voorstellen, als je daar wel gevoelig voor bent, dat dat wel inderdaad een oorzaak kan zijn voor dat je wel sociaal wat meer geïsoleerd zou maken.
Interviewer:
Speelt onzekerheid een rol?
Bjorn:
Ja, zeker.
Interviewer:
Heeft dat bij jou ook een rol gespeeld?
Bjorn:
Ja, zeker. Absoluut. Als ik wat zelfverzekerder was geweest, dan had ik denk ik wel zelf mensen geappt van joh, zullen we wat gaan doen? Denk ik, hoor.
Misschien ook niet. Ik vind dat lastig, omdat ik nu echt, ik weet niet hoe ik dat toen had aangepakt. Misschien dat dat ook wel een gevolg is van sociale isolatie.
Interviewer:
Dat doordat je sociaal geïsoleerd hebt, dat je wat minder...
Bjorn:
Ja, dat denk ik zeker. Kijk, dat heb ik van nature nooit heel sterk gehad.
Dus dat is sowieso wel iets dat hielp al niet mee. Nee. Nee, ik denk dat dat zeker niet positief werkt op je zelfvertrouwen.
Interviewer:
Nee, dat denk ik ook niet. Dus gedrag speelt hierin wel een grote rol, denk ik.
Bjorn:
Van alle kanten. Ja. Ja, dat beetje met sociale isolatie.
Kijk, je kan zelf je best doen om daaruit te komen of er niet in terecht te komen. Maar je moet ook van andere mensen komen.
En dat is best lastig. Dus gedrag speelt daar denk ik wel een grote rol in. Jazeker.
Interviewer:
Een beetje het voorbeeld wat jij net natuurlijk noemde.
Bjorn:
Ja, in vriendschappen kan je niet... Ik denk dat je niet in vriendschappen te voet van twee kanten kan komen. Snap je? Jij kan heel erg proberen om met iemand een vriend te maken en heel erg daar je best voor doen.
Maar als die ander dat niet wil, dan stopt het toch snel.
Interviewer:
Mooi. Ja, ik denk dat ik die mening met je deel.
Ja. Wat zijn voor jou signalen, ik weet niet of je dat ooit hebt meegemaakt. Wat zijn voor jou signalen dat iemand, of jijzelf natuurlijk, sociaal geïsoleerd raakt? Dus kan je dat zien doordat iemands gedrag verandert? Misschien je eigen motivatie om te sporten? Je zei net dat je zwemt twee keer in de week en hardloopt.
Zou dat kunnen meespelen? En wat we net zeiden natuurlijk hetzelfde beeld met je zelfvertrouwen.
Bjorn:
Ik denk het wel. Voor anderen vind ik het heel lastig om dat te zeggen omdat ik niet goed weet wat iemand denkt of wat iemand voelt.
Kijk, je hebt er wel een bepaald gevoel bij als je op een gegeven moment merkt dat iemand echt slechter gaat of zo. Dan merk je dat. Alleen ik denk dat mensen, als ik dan even terugdenk aan mezelf, denk ik dat mensen het misschien bij mij destijds ook niet heel erg zouden zien.
Dus ik weet ook niet of ik dat dan bij anderen zou zien. Nee, dat weet ik niet. Voor mezelf weet ik wel inderdaad, als ik gewoon weer lekker in mijn vel zit of ik voel me niet top, dan heb ik wel minder motivatie om inderdaad te sporten of om gezond te eten of om er leuker uit te zien.
Interviewer:
Heb je een beetje het idee alsof het niet allemaal boeit?
Bjorn:
Nee, precies dat.
Ik was ook echt die periode dat ik ook wel wat minder vrienden had. Toen zag ik er ook echt wel slechter uit. Serieus.
Als ik nu foto's terugzie van die tijd, dan denk ik echt, oh, ik was echt een stuk dikker ook. Mijn kleding was ook echt niet zoals nu. Ik bedoel, iedereen heeft foto's van vroeger dat je denkt, waarom had ik dit aan? Maar ik vond het wel heel extreem het contrast met nu en toen.
Interviewer:
Dus eigenlijk wat jij zegt is dat die sociale isolatie, en dat dat natuurlijk ook van beide kanten moet komen om dat te voorkomen, dat dat eigenlijk dus ook heel veel invloed heeft op je mentale en fysieke gezondheid.
Bjorn:
Ja, zeker.
Interviewer:
Denk je dan meer mentaal of meer fysiek?
Bjorn:
Ik denk meer mentaal.
Ja, bij mij wel. Maar dat kan denk ik ook voor iedereen weer heel verschillend zijn. Kijk, ik denk ook dat er mensen zijn die ook niet zoveel waarde hechten aan die sociale verbinding die ik wel heb.
Dus ja, misschien dat sommige mensen dan daar niet zoveel last van hebben en dat het verder ook geen invloed heeft op iets. Maar voor mij gezien zeker wel. Ik denk dan meer mentaal stukje dan fysiek.
Dat zit een beetje in de natuur van mensen. Mensen doen best wel snel een aanname van iemand. Als je iemand op straat ziet die op een bepaalde manier doet, denk je snel van ja, die is raar of het klopt niet, iets niet in het hoofd.
Interviewer:
Denk je dat aannames dat mensen doen, dat dat ook invloed heeft hierop? Dus dat je een beetje het idee hebt dat iemand sociaal geïsoleerd is, maar dat je dan daar een aanname van doet, waardoor het toch anders is dan dat het daadwerkelijk gaat bij diegene.
Bjorn:
Dat denk ik wel. Ik bedoel, ik denk dat er sowieso wel redelijk... Dat heb ik zelf ook, he.
Maar ik heb ook wel redelijk snel dat je dan iets denkt van iemand of iets vindt van iemand. Dus ja, ik denk dat dat zeker wel invloed heeft. Wat niet goed is, want ik probeer er voor mezelf ook wel op te letten.
Je moet niet altijd over alles maar iets vinden en overal het oortje open hebben. Maar ja, ik denk dat dat soms ook natuurlijk wel een beetje... Ja, het is een beetje wat mensen doen.
Interviewer:
Dat denk ik ook. Dat klopt zeker. We hadden het natuurlijk al een klein beetje over wat de gevolgen van sociale isolatie voor jou dan zijn.
Dus fysiek en mentaal zelfvertrouwen. Heeft het ook invloed gehad op je werkprestatie? Jij zat natuurlijk niet op school, maar je werkte wel. Haalt dat daar ook invloed op?
Bjorn:
Nee, dat denk ik niet.
Interviewer:
Weinig? Want je werkte toen in de supermarkt?
Bjorn:
In de supermarkt. Ja, weet je.
Ik deed een beetje vakkenvullen, een beetje kassa. Een beetje dit, een beetje dat. Nee, ik denk niet dat dat heel veel invloed gehad heeft.
Ik kon dat wel redelijk van elkaar. En als ik op werk ook bezig ben, dan heb je ook niet zoveel tijd om erover na te denken of ermee bezig te zijn. Tenminste, ik dan.
Als ik in de winkel was. En ik werkte best wel in een drukke winkel. Dus je was altijd met honderd dingen tegelijk bezig.
En dan had je niet ook nog tijd om te gaan zitten piekeren erover.
Interviewer:
Maar heeft het wel geholpen? Bijvoorbeeld als je dan sociaal geïnstalleerd was. Dat je dan werkte, dat je achter de kassa zat.
Toch al contact had met mensen. Zou dat kunnen helpen?
Bjorn:
Nou, voor mij was dat niet echt. Omdat je niet echt een band met iemand opbouwt.
Interviewer:
Dus een band hebben met iemand is wel belangrijk?
Bjorn:
Ja, vind ik wel. Als je sociaal wil zijn, dan kan je ook naar de stad gaan. Mensen opbouwen.
Maar ik vind een band opbouwen wel een beetje. Klanten, je zegt goedemorgen en je helpt ze. En dan zijn ze weer weg.
En collega's. Ik had wel wat collega's. Maar die waren eigenlijk ook allemaal een stuk ouder dan ik was.
Dus niet echt leeftijdsgenoten. Dus daar kon je ook weer niet echt een band mee opbouwen. Ja, aan het einde wel iets meer.
Die wonen ook allemaal ver weg, weet je wel. Dus dat was ook niet echt top. Dus ja, dat.
Interviewer:
Oké, duidelijk. Dan gaan we nu een klein sprongetje maken. We hadden het natuurlijk een beetje over sociale isolatie.
Ik wil nu eigenlijk een beetje het gaan hebben over de sociale verbinding. Wat natuurlijk uiteindelijk ons doel is. Stel dat je meer sociale verbindingen zou willen ervaren.
Wat zou je dan zelf anders moeten doen? Of anders kunnen doen? Zou ik zo de vraag stellen?
Bjorn:
Nou, als ik dan even kijk hoe ik dat bij mij dan... Hoe ik dat zelf... Want ik heb dat zelf daarna wel veranderd. Nou, wat ik altijd vertelde. Ik had eerst dat ik niet zo goed wist hoe ik dat dan... Dat ik het wel wilde veranderen ergens.
Maar dat ik ook niet zo goed wist hoe. En daarna ben ik eigenlijk gewoon... Ik weet niet waar dat lampje ergens is gaan branden. Maar ik had op een gegeven moment gewoon een keertje dat ik dacht... Nou weet je, ik ga gewoon een soort mensen appen.
Nogal mensen van de middelbare school die ik nog kende. En ik dacht van, weet je, ik probeer het gewoon. En als ze nee zeggen dan... Nou ja, nee, heb je ja kun je krijgen.
Weet je, dat is een beetje heel simpel gezegd. En dat had ik gewoon een paar keer gedaan. En dan weet je, dan spreek je eens mensen.
En sommige mensen heb ik daarna nog maar één keer gezien. En dan was het ook klaar. En dan wil ik zoiets van, nou dit is hem toch niet.
En soms dan spreek je iemand en dat blijft dan wat langer hangen. En als je dan met... En toen ging op een gegeven moment wat ik zei.
Die vriend, die had een vriendin. Nou, dat ging op een gegeven moment ook uit. Dus toen kreeg ik met hem ook weer wat beter contact.
Nou, via hem heb ik ook weer een andere vriend leren kennen. Dus ik denk dat het gewoon voor mij heel erg is, je moet gewoon een beetje lef hebben.
En het gewoon durven vragen. En gewoon... Tuurlijk, je weet dat ze nee kunnen zeggen. Maar goed, ja, je hebt toch niks te verliezen op dat gebied.
Als je echt weinig hebt, dan heb je denk ik heel weinig te verliezen. Dus gewoon proberen. En gewoon een keer met iemand een avondje wat gaan doen.
En misschien is het helemaal niks. En dan denk je van, nou, dat hoeft niet. Misschien is het wel heel leuk.
Interviewer:
Zit er een vervolg in. Je zegt het wel van... Ergens een keer is er ergens een lampje gaan branden. Dat betekent dus wel dat dat wel een tijdje geduurd heeft.
Daarvoor was dat dus niet. Wat hield je eigenlijk voordat het lampje begon te branden in mensen appen? Wat hield je toen tegen om dat te gaan doen? Mensen te appen. Dat soort dingen.
Toch afspreken met mensen. Wat hield je ervan af om dat te gaan regelen?
Bjorn:
Dat was niet echt iets wat me weer hield ervan. Alleen, ik gaf er toen gewoon niet zoveel om.
Het moest bij mij echt een beetje tot een soort van dieptepunt komen. En dat ik toen zoiets had van, oké, ik moet nu echt iets gaan veranderen. En toen is die knop gewoon omgegaan.
Dus het is niet iets wat me daarvoor ervan weer hield. Het was gewoon dat je op een bepaald punt komt dat je wel denkt van, oké, ik moet er nu wel echt iets mee gaan doen.
Interviewer:
Is er bepaald iets gebeurd toen waarvan je dacht van, ja, nu is het moment dat ik de knop ga omzetten? Of was het meer gewoon een opstapeling van dingen?
Bjorn:
Ja, ik denk een beetje een opstapeling van dingen.
Toen had ik het er een keer met mijn moeder over. En toen zei mijn moeder van, ja, dan nodig je die en die en die nog even uit. En toen had ik eigenlijk ook zoiets van, nou ja, misschien is dat wel gewoon leuk om een keer te doen.
Interviewer:
Ja. Dus je hebt wel heel veel aan je moeder gehad in die periode?
Bjorn:
Ja, zeker. Ja, in die periode heel veel, ja.
Interviewer:
Nou, mooi dat je dat zo met mensen besproken hebt. Ja. Je vertelt eigenlijk net al een klein beetje.
Die knop ging op een gegeven moment om. Dus je probeert eigenlijk je gedrag een beetje te veranderen. Dus zelf actie ondernemen.
Wat heb je daarnaast nog meer geprobeerd? Om minder geïsoleerd te raken? Of te zijn?
Bjorn:
Verder eigenlijk niet. Ja, verder eigenlijk niet. Nee, verder niet zo veel.
Nee, nee. Ja, nee. Ik ben daarnaast wel weer een opleiding gaan doen.
Die heb ik dan onlangs afgerond. Maar dat was ook een BBL-opleiding. Dus dat was één dag in de week naar school.
Dus ja, dat. En met mensen uit allerlei verschillende hoeken van het land. Dus dat was ook lastig.
Daar bouw je dan ook niet zo snel een band mee op. Dus nee, daarbuiten eigenlijk niet bijzonder veel.
Interviewer:
En heb je dan nu iets wat voor jou het aankomende halfjaar op de planning staat? Waarvan je denkt, dat doe ik. Ook omdat ik het gewoon graag wil. Maar ook omdat ik misschien een sociale kring wat breder wil maken.
Bjorn:
Ja, nee ook. Ja, ja. Deels ja. Ik heb nu dan wel, ik ga in september weer een opleiding doen.
En dat is dan wel een voltijd opleiding. Dus dat is dan wel, en dat heb ik deels ook wel een beetje gedaan. Omdat ik inderdaad ook wel zoiets had van, ik wil mijn sociale kring dan nog wel iets uitbreiden.
Alleen eigenlijk is de afgelopen twee, drie maanden is mijn sociale kring ook wel redelijk nog weer gegroeid eigenlijk.
Interviewer:
Heeft dat ook te maken met dat je klaar bent met je opleiding nu? En daar ook meer mee bezig bent? Dat je daar ook meer tijd hebt naast dat je werkt om je sociale kring te verdelen?
Bjorn:
Nee, dat kwam eigenlijk gewoon heel plotseling. Ik heb dan een vriend en daar heb ik weer een vriend van leren kennen.
En die had weer vrienden van hem weer een soort van bij betrokken. Dus dat ontstemt gewoon een soort van mengsel met allemaal andere mensen bij elkaar.
En dat is eigenlijk gewoon een hele leuke groep. En dat is ja eigenlijk heel natuurlijk een soort van gegaan. Dus niet daar heel veel moeite voor moeten doen.
Interviewer:
Nee, het ging redelijk vlekkeloos.
Bjorn:
Ik wil niet zeggen dat mijn sociale leven... Nou ja, het komt wel redelijk in de buurt van wat ik wel graag als soort van einddoel zie.
Of wat ik denk wanneer ik denk van oké, nu is het echt goed. Dat eigenlijk heel lang niet dat ik dan dacht van oké, het is nu goed. Ik wil wel heel lang echt meer vriendschappen en meer mensen.
En ik denk dat ik nu wel, zeker nu ook dit weer wat meer gegroeid is, denk ik dat ik nu wel redelijk richting echt ga waar ik wel echt wil zijn. Dat ik nu ook tevreden ben.
Interviewer:
Vind je het dan belangrijker om veel vrienden te hebben, of meer gewoon een paar hele goede vrienden waar je een hele goede band mee hebt?
Bjorn:
Nee, nou ja. Nee, sowieso wel vrienden waar je echt een goede band mee hebt. Ik heb liever dan een paar echt goede vrienden, dan dat je honderd mensen hebt waar je dat dan niet mee hebt.
Interviewer:
Nee, waar je eigenlijk niet zoveel van weet. Nee, precies.
Bjorn:
Maar dat probeer ik ook wel met iedereen waar ik nu dan een beetje contact mee krijg.
En dat probeer ik ook wel een beetje een band op te bouwen. Dat zit gewoon wel een beetje in mij en ik heb dat wel snel. Ik zou niet met mensen elke weekend kunnen zitten waar ik eigenlijk niks van weet of waar ik helemaal geen goede klik mee voel ofzo.
Ik heb dat niet. Dus ik ben wel, als ik mensen en het kan ook heel selectief zijn in mensen die ik wel en niet toelaat. Het is niet dat ik iedereen die ik tegenkom dat ik daar gelijk heel bevriend mee moet zijn ofzo.
Ik kies er wel uit waarmee ik een goede klik voel en waarmee ik denk oké dat kan wel gewoon echt leuk worden. Dus ik ben daar wel selectief in.
Interviewer:
Ja, ik denk dat het ook wel heel goed is om gewoon een goede band te hebben met mensen die je kent.
Bjorn:
Ja, dat vind ik wel. Ja.
Interviewer:
Leuk. Dus doe je dat dan ook, want je vertelde net over die vrienden die je dan kent via jouw vrienden eigenlijk, die je al langer kent. Heb je daar ook zoiets van ja daar ga ik dan ook vaker mee afspreken los of zeg je van nee dat doe ik echt wel alleen als die vriend van mij die ik al kende, waar ik die nieuwe vrienden van ken, als die er ook bij is.
Bjorn:
Nee, zeker niet. Nee, toevallig gisteravond nog was ik dan met die vrienden die ik van die vriend van mij had leren kennen. Ik zou er met eentje wat gaan doen en toen zei die van ja zouden we anders die ander ook meevragen en zou je dan nog even ergens gaan wachten.
Ja. Nou, dat was ik gaan doen en ik kende die jongens, ik had ze 2-3 keer gezien denk ik, ik kende ze nog helemaal niet zo goed. Maar dan had ik wel zoiets van nou dat is eigenlijk ook een mooi moment om dan ook iemand beter 1 op 1 te leren kennen.
En die 1 die sprak ik dan wel wat vaker 1 op 1. Dus nee, ik vind dat wel belangrijk, sowieso bij mensen die ik dan nieuw leer kennen waarbij ik het idee heb van oh daar zou ik wel een goede vriend van mij kunnen opbouwen, vind ik wel belangrijk dat die het dan soms ook 1 op 1, 1 spreek met je lippen elkaar dan, vind ik zo anders kennen. Zodat je altijd in goed verband bent. Dus nee, dat probeer ik wel.
Interviewer:
Ja, nee dat denk ik ook. Ik denk dat je elkaar dan goed leert kennen als je gewoon diepe gesprekken hebt met z'n 2 of z'n 3 in het geval. Stel, stel je zou wel echt sociaal geïsoleerd zijn of misschien koppel je deze vraag aan hoe je dat ooit gehad hebt.
Wanneer zou je eigenlijk wel makkelijker in actie kunnen komen? Bijvoorbeeld als iemand jou zelf hebt, jou uitnodigt voor een verjaardag of om op een avond lekker te gaan zitten of als het heel laagdrempelig is.
Ja, vind ik lastig.
Interviewer:
Stel in die periode dat jij daar wat meer moeite mee had, stel iemand had jou dan uitgenodigd elke week om iets te gaan doen.
Had je daar dan ja tegen gezegd of had je in die bubbel van sociale isolatie blijven zitten?
Bjorn:
Nee, nee zeker niet. Als iemand mij had meegevraagd was ik absoluut wel meegegaan. Ik stond er ook wel voor open, zelf.
Alleen ik wist gewoon niet goed hoe ik het zelf moest aanpakken. En toen, vergeet me het niet, toen inderdaad wel had die vriend van mij die toen uitging met die vriendin, die had hem wel een paar keer gezegd, nou zeur dan wat doen. En toen had ik wel zoiets van oké, dan moet ik zelf ook wel een beetje energie erin doen.
En dan is dat eigenlijk, ben ik nu van de vriendengroep wil ik niet zeggen ben ik degene die alles regelt, maar ik regel wel veel en organiseer wel veel.
Interviewer:
Maar doe je dat omdat je dat leuk vindt om zelf alles te regelen of doe je dat omdat je het anders ook niet van de rest komt?
Bjorn:
Nee, het verschilt een beetje per vriend, per vriendengroep. Maar bij sommige vrienden heb ik wel dat ik zoiets heb van ik moet het al een beetje organiseren.
Bij sommige, bij echt mijn loyale vrienden, daar weet ik wel van oké, die komen ook zelf wel als ze iets willen. Maar nee, ik weet wel dat ik degene ben die het meest moet organiseren, want anders gebeurt het ook niet.
Interviewer:
Stel, als je sociaal geïsoleerd bent, je hebt een hele goede vriend waar je dan een of twee keer per week wel gewoon appcontacten hebt zeg maar. En die stelt voor, of jij stelt voor om elke week op een vrijdagavond op een terras te gaan zitten met z'n tweeën of met z'n drieën of met z'n vieren. Dus als het een beetje onderdeel wordt van je routine zou dat voor jou ook makkelijker zijn om dan ook echt te gaan en in actie te komen en misschien zelf die stap te zetten.
Dus als het eigenlijk een soort van vaste afspraak is dat je elke week iets gaat doen.
Bjorn:
Ja, misschien wel. Ik ben persoonlijk, ik hou ook niet zo van, wij moeten elkaar elke week zien ofzo.
Interviewer:
Interviewer:
Nee, dus het moet niet als een verplichting zijn.
Bjorn:
Nee, precies. Ik vind het leuk om iets te doen en als we elkaar één of twee weken een keer niet zien omdat we druk zijn of omdat het net echt niet past, dan moeten we er ook niet gelijk een heel drama van maken ofzo.
Dus het zou misschien wel kunnen helpen, maar het zou ook aan de andere kant ook wel weer een beetje dat soort van, en ik wil ook niet dat mensen verplicht met mij of met wie dan ook iets zouden moeten doen omdat het moet. Ik vind dat je iets moet doen met elkaar, dat je het echt leuk vindt en er ook echt zin in hebt en niet omdat het een soort van verplichting is. Nee, zeker niet.
Ik denk niet dat dat bevorderlijk is voor je vriendschap. Nee, misschien dat je het dan ook weer tegen gaat werken.
Interviewer:
Ja, nou mooi dat je die kijk daarop hebt. Dan ga ik toch even verder naar het volgende stukje, namelijk eigenlijk een beetje de oplossingen waar ik toch een beetje naartoe wil samen. Allereerst, welke manieren ken jij om sociale isolatie te verminderen? En dan kan je natuurlijk ook naar heel veel dingen kijken, we hebben het net al heel lang over vrienden gehad, wat natuurlijk een heel groot ding is.
Maar zou je bijvoorbeeld werkinitiatieven, dus dat je met werk een uitje gaat doen of via bepaalde apps, sportclubs, kerken, ik zeg wel therapie, coaching, iets in die richting. Zouden dat oplossingen, manieren kunnen zijn om het te verminderen?
Bjorn:
Ja, dat denk ik zeker. Ik denk dat als je, nou ja, het is denk ik ook per persoon verschillend wat je fijn vindt.
Sommige geven misschien de voorkeur aan een app, sommige geven de voorkeur aan een sportclub of weer een opleiding gaan doen op school. Ik denk dat er heel veel manieren zijn, maar ik denk ook dat dat de enige manieren zijn om het een soort van tegen te gaan. Want ik zou niet weten, buiten apps of sportclubs of scholen, of ik zou niet weten, of kerken, weet ik veel.
Maar ik denk dat je toch naar bepaalde plekken moet waar mensen van jouw leeftijdscategorie zijn. En daar mensen moet gaan ontmoeten en hoe spannend dat misschien ook is.
Maar ik zou, ja, ik denk dat dat wel de enige manieren zijn om het een beetje weer op te bouwen.
Interviewer:
En denk je dan dat een, als ik nu even kijk naar sport, denk je dat een teamsport dan anders is dan een innoveren sport? Want jij doet dan zwemmen. Vooral in je eentje met een trainer erbij. Ja, klopt. Denk je dat het invloed heeft?
Bjorn:
Ja, ja, ja. Nee, klopt. Nou ja, deels. Kijk, sport, dat doe je wel zelf.
Alleen je traint vaak wel, ook met leeftijdsgenoten. Je doet wel wedstrijden met leeftijdsgenoten. Dus je bent nog steeds wel in een bubbel met ook allemaal mensen van jouw leeftijd.
Ja. Weet ik het. Dus ja, weet ik niet goed.
Misschien dat een teamsport dan nog iets laagdrempeliger is. Dat zou kunnen. Maar, ja, ik heb zelf ook nooit teamsport gedaan, dus ik weet niet precies hoe dat is.
Maar ja, zou kunnen volgens mij. Ik denk als je het in het zwemmen zou willen bijvoorbeeld, of in een andere sport zou het alsnog wel kunnen. Ja.
Interviewer:
Ja, ik heb dan zelf wel voetbal gezeten. Daar merkte ik, de voetbalteams zijn best wel groot over het algemeen. Waardoor je eigenlijk meestal twee of drie gasten uit je team hebt waar je echt een band mee hebt.
En de rest is eigenlijk leuk voor voetbal. En dat is het. Denk je dat dat uitmaakt dat je een grote groep hebt en een kleine groep? Met hoe de band daartussen kan zijn of is?
Bjorn:
Nee, tenminste ook voor mij persoonlijk niet.
Ik denk dat ik ook nu naar mijn vriendengroep kijk, dat ik ook een paar mensen dan in die groep heb zitten. Waar ik dan echt een betere band mee heb dan met de andere bijvoorbeeld. Dus ja, ik denk niet dat dat heel gek is persoonlijk.
Interviewer:
Oké. Ja, dan hebben we het natuurlijk net gehad over wat goede oplossingen zouden kunnen zijn. Of goede oplossingen, wat manieren zijn om sociale isolatie te verminderen.
Nu wil ik eigenlijk een beetje kijken naar wat een oplossing dus absoluut niet zou moeten doen of moeten hebben. Dus wat er eigenlijk voor gaat zorgen dat sociale isolatie alleen maar meer of hetzelfde blijkt, maar dat het niet verbetert. Wat zou voor jou een oplossing absoluut niet moeten hebben? Nou, we hadden het net al een stukje een beetje over dat verplichten.
Dus niet te geforceerd?
Bjorn:
Nee, zeker niet. Ik denk dat dat... En daar kan iemand ook heel erg... Ja, als diegene dan al een beetje onzeker is en het allemaal niet zo goed weet en dat dan ook nog verplicht wordt. En diegene dan het soort van dan gekwetst kan worden als hij dan weet dat die ander dat dan niet wil.
Denk ik dat dat ook jouw zelfvertrouwen om dan al een stap te zetten om dan met iemand iets te gaan doen, dat dat dan nog verder naar beneden kan zakken. Dus ik denk dat het verplichten en heel erg de nadruk erop leggen of heel erg te veel te graag willen. Ook al snap ik dat als je iets voor mensen hebt dat je dan ook wel heel graag mailt.
Maar ik denk dat dat niet per se echt een hele positieve invloed heeft.
Interviewer:
Stel, het kost heel veel tijd op zo'n avond bijvoorbeeld of een middag. Dat het dus best wel tijdsintensief is.
Of dat het best wel heel commercieel is. Dus dat je een soort van entrée moet betalen voor zo'n oplossing. Wat vind jij daarvan?
Bjorn:
Ja, dat weet ik niet goed. Eerlijk gezegd. Nee, ja. Nee.
Nee, dat weet ik niet goed.
Interviewer:
Stel, elke vrijdag wordt er iets in de buurt georganiseerd. Dat je allemaal nieuwe mensen leert kennen staan.
Je bent echt sociaal geïsoleerd. Maar voor elke avond wordt 10 euro gevraagd.
Bjorn:
Ja, ik zou het ervoor over hebben.
Interviewer:
Zou je dat ervoor over hebben?
Bjorn:
Ja, ik wel.
Interviewer:
En waar ligt voor jou de drempel dan? Welk bedrag ongeveer? Wat vind je de max voor elke week dan? Als ik daarnaar kijk.
Bjorn:
Het ligt denk ik ook een beetje aan je financiële situatie.
Interviewer:
Dus het moet eigenlijk niet te commercieel zijn. Om een zo'n groot mogelijke groep aan te kunnen spreken.
Bjorn:
Nee, denk ik niet. Nee, nee, nee. Ik vind ook wel dat daar dan ook bepaalde vergoedingen of subsidies op zouden mogen komen.
Dat dat dan toegankelijker zou worden voor iedereen.
Interviewer:
Dus je zegt eigenlijk de gemeente of de overheid zou daarbij moeten helpen?
Bjorn:
Ja, dat vind ik wel.
Interviewer:
Dus eigenlijk wat ik hoor is dat sociale isolatie best wel een groot probleem is eigenlijk. Waar meer aandacht naartoe moet.
Bjorn:
Ja, ik weet niet precies de exacte cijfers van hoeveel mensen daar daadwerkelijk nou echt last van hebben.
Maar ik denk wel dat het wel een groter probleem is dan... Ik denk ook dat het iets is wat normaal een beetje een taboe is. Waar ook niet echt heel erg makkelijk over gesproken wordt. Ja, net als mentale problemen.
Daar moet je op letten. Dat is zonder jongeren natuurlijk een heel groot probleem. Ja.
Maar er wordt weinig over verteld, denk ik. Ja, ik denk dat dit ook wel een beetje dat is inderdaad. Ja.
Dus nee, ik vind dat er inderdaad wel dat dat ook wat toegankelijker mag zijn om daar gewoon over te praten. Ja. Met, nou ja, wie dan ook.
Interviewer:
Ja. En wat zou een oplossing dan wel aantrekkelijk kunnen maken? Dus bijvoorbeeld dat het een veilige plek is waar je in principe alles kan delen. Dat het in redelijk kleine stapjes gaat, dus dat het laagdrempelig is.
Dat zou dat een oplossing aantrekkelijk kunnen maken.
Bjorn:
Ja, denk ik wel. Ik denk ook zeker dat mensen die dan nog niet, die ook niet heel veel zelfvertrouwen hebben, of die het ook allemaal dan wel wat spannender vinden, dat het ook belangrijk is dat je het niet te veel in één keer... Weet je, ga gewoon eens rustig één keer ergens afspreken met iemand.
Doe niet te veel eisen, doe niet te veel verwachtingen. Laat het allemaal gewoon redelijk losjes. En als het dan leuk gaat en het is goed, dan ga je de tweede keer, ga je wat verder en de derde keer, weet je.
Dus ik denk ook niet te veel in één keer verwachten, denk ik.
Interviewer:
Nee. En je hoort natuurlijk verhalen over dat mensen veel op hun telefoon zitten, waardoor ze ook veel thuis zitten. Een beetje dat appcontact dat je dan toch wel hebt met vrienden, maar ze dan toch niet ziet in het echt. Wat is jouw kijk daar een beetje op? Denk je dat dat ook, hoe zeg je dat, tegenwerkt voor sociale isolatie? Dat dat meespeelt daarin?
Bjorn:
Voor mij persoonlijk niet. Nee. Nee, tuurlijk.
Ja, nee, voor mij niet. Ik vind het juist makkelijk als ik met mensen veel online contact heb. Ik denk dat je dan sneller even zegt, we zullen even wat doen, dan dat je echt weken elkaar niet spreekt en dan opeens weer contact zou moeten gaan zoeken.
Dus ik denk dat het juist wel open bevorderlijk is. Maar je laat het ligt misschien wel een beetje aan je situatie. Voor mij persoonlijk zou het niet erg zijn. Ik zou het niet tegenwerken.
Interviewer:
Nee. Oké, duidelijk. Dan komen we eigenlijk een beetje bij het laatste stukje.
Wil ik eigenlijk jou een bepaald concept voorstellen en dan moet jij eigenlijk een beetje kijken wat je daarvan vindt. Dus terwijl we zo'n oplossing zijn die mensen helpt om kleine sociale acties te ondernemen, die een beetje afgestemd zijn op hun persoonlijkheid, zonder dat het dus heel erg geforceerd voelt en die sociale isolatie dus eigenlijk vermindert en meer sociale verbinding creëert. Wat vind jij daarvan? Wat zou je daarvan vinden?
Bjorn:
Ik denk wel dat het goed is.
Interviewer:
Denk je dat daar animo over is?
Bjorn:
Dat denk ik zeker. Ja, dat denk ik wel. Ik kan me wel voorstellen dat het voor sommige mensen wel een beetje een drempel is ofzo, waar je wel overheen moet en waar je wel overheen moet willen gaan.
Dat denk ik wel. Dus ik weet niet of het dan misschien... Ja, dat ligt denk ik gewoon aan hoe je persoonlijk bent. Maar ik zou me kunnen voorstellen dat er mensen zijn die dat niet zouden willen, maar ik denk ook dat er een heleboel mensen zijn die dat wel willen en gewoon een beetje lef hebben en gewoon dan alsnog wel gaan, zeg maar.
Dus ik denk dat het wel zeker wel kan helpen, ja.
Interviewer:
Wat zou jou tegenhouden om daar niet naar toe te gaan? Of dat niet te...
Bjorn:
Ja, ik denk als je gewoon onzeker bent, dan kan je over van alles, kan je een soort van heel doemscenario in je hoofd. Van oh, straks vinden ze het niet leuk.
En oh, straks dit en oh, straks dat, weet je. Dus ik denk meer dat het niet één specifiek iets is, maar dat het meer gewoon de hele situatie is waar je dan een soort van voor weg zou lopen. Dus ik denk niet naar zo'n ding toe.
Interviewer:
Zou je daar dan alleen gebruik van maken? Of zou je toch zeggen van nou, ik doe het samen met vrienden of met mensen die je kent van school, iets in die richting? Of zou je toch wel eerder alleen daar gebruik van maken?
Bjorn:
Nee, ik denk wel alleen, denk ik. Dat weet ik niet zeker. Nee, misschien dat je elke keer alleen kan gaan, en als je het dan bijvoorbeeld heel lastig vindt, dat je dan daarna iemand, een vriend, samen mee zou kunnen nemen.
Interviewer:
Ja, maar daar moet dus wel een mogelijkheid voor zijn.
Bjorn:
Vind ik wel. Ik denk dat dat voor sommige mensen misschien wel de drempel dan nog even wat lager houdt om wel te gaan.
Dus ik denk dat dat wel voor sommigen, denk ik, dat dat wel mogelijk zou moeten zijn. Voor iedereen, maar ik bedoel, ik denk dat sommigen wel echt iets toevoegen, zeg maar.
Interviewer:
Zou je daarvoor willen betalen?
Bjorn:
Ja, ik persoonlijk wel. Zou je het ervoor over hebben? Ja, jawel. Als ik zie wat ik had aan vrienden, en als ik zie wat ik nu heb, en hoeveel plezier en hoeveel leuke ik mijn leven eigenlijk vind, en nu wel weer meer vrienden heb dan wat ik dat toen had, dan absoluut zou ik daar wel wat voor over hebben, ja.
Interviewer:
Oké. Jij hebt er misschien nu wel minder baat bij, maar wie zou hier dan wel het meeste baat bij hebben? Voor dit project bedoel je? Voor zo'n oplossing? Ja, voor zo'n oplossing. Dus bijvoorbeeld die kleinschalige acties.
Bjorn:
Ja, gewoon mensen die zich eens aan het voelen. Ja, dat is heel simpel. Nee, ik kan niet over iemand anders zeggen, je moet dit gaan doen.
Iemand moet zelf het willen en er ook mee komen. Maar ja, ik denk gewoon mensen die daar last van hebben, van eenzaamheid, en daar wat mee willen, maar niet goed weten hoe of dat, denk ik.
Interviewer:
Nou, duidelijk.
Dan gaan we naar de afronding. Als jij één advies zou mogen geven aan iemand die een oplossing tegen sociale isolatie ontwerpt, bedenkt, wat zou dat dan zijn?
Bjorn:
Ja, ik denk als ik het echt één mag zeggen, dat ik het gewoon zou zeggen, gewoon schijt hebben en gewoon die mensen appen en gewoon brutaal zijn. En als je weet dat bijvoorbeeld, wat ik dan wel eens lastig vond, als ik dan bijvoorbeeld met een vriend van mij, en daar leer ik dan weer een vriend van kennen, en je weet dat die bijvoorbeeld wel wat gaat doen bij jouw vriendkant, dus dat je dan in principe in je eentje naar een nieuwe groep zou moeten gaan, of naar mensen die je niet zo goed kent.
Ik snap dat dat heel spannend is, maar dat is wel echt de enige manier, denk ik, om ook op dat soort gebieden dan gewoon lef te hebben en dan gewoon alsnog te gaan. En natuurlijk, overal waar je in de hoek komt en waar je mensen opnieuw moet leren kennen, is aan het begin echt niet leuk. Dat is voor iedereen, denk ik.
Ja, daar moet je echt tijd in investeren en dan moet je gewoon... Natuurlijk, het is natuurlijk niet gegarandeerd dat het iets wordt, maar ik bedoel, dat zijn wel de enige manieren waardoor je wel eventueel eruit zou kunnen komen en alsnog een vriendschap zou kunnen opbouwen. Dus ik denk gewoon vooral niet te veel nadenken, ook al weet ik dat dat heel lastig is, maar gewoon niet te veel nadenken en gewoon mensen appen, gewoon zien en een beetje aanvoelen of iemand wel of geen zin heeft om iets te doen. En als een iemand het niet wil, dan moet je gewoon doorgaan en andere mensen blijven zoeken.
Het moet ook echt vanuit jezelf komen, want mensen die zelf al een hele vriendengroep hebben, die zullen misschien minder snel denken van, oh dan laat ik wat met jou doen. Dus dan moet je wel echt zelf de initiatief nemen om daartussen te komen en daar echt wat in te gaan doen.
Interviewer:
Dus stel er is iemand die daar zo'n oplossing voor gaat bedenken, ontwerpen. Eigenlijk wat jij zegt is dat je ervoor moet zorgen dat je de mensen die de doelgroep zijn daarvoor, dat je die kan motiveren om het op een laagdrempelige manier te kunnen verbeteren en richting sociale gemiddeld te gaan.
Bjorn:
Als ik het even kort zou noemen. Ja, klopt.
Interviewer:
Nou super, dan was dat het.
Dan wil ik jou heel erg bedanken.
Bjorn:
Ja, geen probleem.
Interviewer:
En dan wens ik je nog een hele fijne dag.
Bjorn:
Ja, jij ook.
Maak jouw eigen website met JouwWeb